Thuiskomen

Thuiskomen

Door Muyi, Zuid-Korea

Gods overvloeiende liefde, is er voor iedereen, Zijn liefde omringt hem. De mens, onschuldig en puur, zonder belastende zorg, leeft gelukkig in het oog van God. […] Als je een geweten hebt en ook menslievend bent, je voelt je warm, verzorgd en geliefd, je voelt je gezegend met geluk” (‘Hoe belangrijk Gods liefde voor de mens is’ in ‘Volg het Lam en zing een nieuw lied’). Iedere keer als ik deze hymne van het woord van God begin te zingen, vind ik het moeilijk mijn emoties in bedwang te houden Dat komt doordat ik God ooit uit de weg ging en tegen Hem opstond. Ik was als een verloren lammetje, ik kon het pad terug naar huis niet vinden. Het was de standvastige liefde van God die me terug naar het huis van God leidde. In het onderstaande artikel wil ik graag met mijn broeders en zusters in de Heer en met vrienden die zich nog niet tot God hebben gewend mijn ervaring delen van de terugkeer naar het huis van God.

Als kind leefde ik alle dagen in angst omdat mijn vader en moeder altijd ruzie hadden. Toen ik geslaagd was voor mijn eindexamen, begon mijn moeder op aandringen van een buur in de Heer Jezus te geloven en volgde ik haar in de kerk. Vanaf die tijd weet ik dat God de Heer is van alle schepsels en dat, om de mensheid te verlossen van de zonde, de vleesgeworden God Zelf gekruisigd was om een zondoffer te zijn voor de mens − Gods liefde voor de mens is zo groot! Geïnspireerd door de liefde van de Heer besloot ik serieus in de Heer te geloven en Zijn liefde te beantwoorden en zo vond ik richting en een doel in het leven. Nadien bezocht ik regelmatig bijeenkomsten, las ik de Heilige Schrift en loofde ik de Heer. Na een tijd begon ik me gelukkig te voelen. Vooral toen ik in de Bijbel las dat de Heer in de laatste dagen op een wolk weder zou keren en ons in het hemelse koninkrijk zou verwelkomen, werd mijn hart zelf nog meer met hoop vervuld. Daar kwam bij dat de voorganger ons bij bijeenkomsten vaak een uiteenzetting gaf over het volgende vers in de Heilige Schrift: “Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken? Jezus, die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen als jullie hem naar de hemel hebben zien gaan” (Handelingen 1:11). Ik raakte er nog meer van overtuigd dat de Heer Jezus op een witte wolk zou neerdalen om ons in ons hemelse thuis te verwelkomen!

In 2005 ontmoette ik een Koreaan, die mijn vriend werd en ik ging met hem mee naar Korea. Vanwege de taalbarrière probeerde ik een kerk van Chinese expats te vinden, maar dat lukte niet en mijn geest werd steeds zwakker. Zonder het te beseffen groeide ik bij God vandaan. We trouwden, maar omdat de cultuurverschillen te groot waren lukte het ons niet bij elkaar te blijven wonen. Al snel scheidden we. Deze tegenslag in mijn huwelijk was spiritueel een flinke schok voor mij en ik had er veel pijn van. En nu ik in een vreemd land was, zonder vrienden of familie, voelde ik me nog meer alleen. Ik kon alleen maar stil tot God bidden en Hem vertellen over het lijden in mijn hart. Ik vroeg God me naar een Chinese kerk te leiden zodat ik naar het huis van God zou kunnen terugkeren.

Een jaar later vond ik Chinese geestelijken van een presbyteriaanse kerk, en ik was ontzettend gelukkig. Eindelijk kon ik weer eens God loven in de kerk. Maar wat me teleurstelde was dat, steeds wanneer we een bijeenkomst hielden, de voorgangers alleen maar passages uit de geschriften voorlazen en ons een korte uiteenzetting gaven over de letterlijke betekenis van de woorden. Hun preken waren volkomen verstoken van licht en vreugde. Ze gaven ons niets voor ons leven en de bijeenkomsten verwerden tot niets dan een formaliteit. Tijdens de bijeenkomsten zaten sommigen met elkaar te fluisteren, een spelletje te spelen op hun mobieltje, te slapen of kwamen alleen maar om een vriendje of vriendinnetje te vinden, en er waren zelfs mensen die de armen om elkaar heen sloegen. Ik dacht: de kerk is een tempel, een plek om God te eren. We komen hier om bijeenkomsten bij te wonen, maar niemand hier heeft ook maar een beetje een godvrezend hart. God moet zo walgen van wat Hij hier ziet! Zou de Heer zo’n lage plek als deze niet opgeven? Maar de voorganger en predikers deden net alsof ze niet merkten dat dit gebeurde en ze besteedden er totaal geen aandacht aan.

Omdat ik leefde in deze enorme smeltkroes van kwaad die de wereld is, begon ik geleidelijk losbandige manieren aan te nemen. Ik ging vaak uit drinken met vrienden in mijn vrije tijd waarbij ik me nooit als een gelovige in God gedroeg. Maar steeds wanneer mijn hart van de Heer weg begon te groeien, verschenen Zijn woorden in mijn gedachten: “Wanneer een onreine geest iemand verlaat, trekt hij door dorre oorden op zoek naar een rustplaats. Maar als hij die niet vindt, zegt hij: ‘Ik zal terugkeren naar mijn huis, dat ik verlaten heb.’ En wanneer hij terugkeert, merkt hij dat het leegstaat, schoongemaakt is en op orde gebracht. Dan gaat hij weg en haalt er zeven andere demonen bij, die slechter zijn dan hijzelf, en zij allen nemen daar blijvend hun intrek. En zo is de mens bij wie de demon intrekt er ten slotte veel slechter aan toe dan voorheen” (Matteüs 12:43-45). De woorden van de Heer hielden mij tegen en beschermden mij, ze weerhielden me ervan te zeer van de Heer te vervreemden of iets te doen dat te ver ging, uit angst dat ik de Heer boos zou maken en dat Hij daardoor van mij zou walgen. Ik was bang door de Heer te worden verlaten en in de handen van de onreine geest te vallen.

Om de stemming te verhogen in de kerk liet de kerk met Kerstmis 2016 een groep getalenteerde broeders en zusters een show opvoeren. Er was een zuster die ik nog nooit had gezien. Ze zong voor ons een loflied voor God: “De scene uit de Bijbel ‘Gods gebod aan Adam’ is ontroerend en hartverwarmend. Ook al zien we alleen de mens en God, de relatie tussen beiden is zo intiem dat we bewondering gaan voelen. Zijn overvloeiende liefde, is er voor iedereen, Zijn liefde omringt hem. De mens, onschuldig en puur, zonder belastende zorg, leeft gelukkig in het oog van God. Hij waakt over en beschermt de mens. Wat de mens doet, zijn woorden en zijn daden, met God verbonden, nooit los van Hem. God heeft de mens geschapen en vanaf dat moment, nam Hij ze onder Zijn hoede. Wat voor soort hoede is dat? Hij waakt over en beschermt de mens. Hij hoopt dat de mens Zijn woorden vertrouwt, vertrouwt en gehoorzaamt. Dit was het eerste God verwachtte verwachtte van de mensheid. Vol van deze hoop sprak God de volgende woorden: ‘Het staat je vrij om te eten van elke boom in de tuin, maar van de boom der kennis van goed en kwaad, goed en kwaad, mag je niet eten, want de dag dat je daarvan eet, dan zul je zeker sterven.’ Deze woorden, staan voor Gods wil, ze laten zien dat Hij toen al om de mens gaf. Door deze simpele woorden, kennen we Gods hart. Is Zijn hart niet vol liefde, zorg en betrokkenheid? Gods liefde en zorg is iets dat, gevoeld en ervaren wordt. Als je een geweten hebt en ook menslievend bent, je voelt je warm, verzorgd en geliefd, je voelt je gezegend met geluk. Wanneer je dit gevoel hebt, hoe handel je naar God toe? Klamp je je aan Hem vast? Voel je in je hart een hoogachtende grote liefde voor Hem? Voel je meer verbondenheid? Dit laat zien hoe waardevol, Gods liefde voor de mensheid is. Maar nog belangrijker dan dit is dat de mens Gods liefde kan voelen en begrijpen” (‘Hoe belangrijk Gods liefde voor de mens is’ in ‘Volg het Lam en zing een nieuw lied’).

Bij ieder woord van deze hymne begon mijn hart steeds sneller te kloppen en de tranen van emotie bleven over mijn wangen rollen. Ik had het gevoel dat in dit prachtige beeld ik in het gezelschap van God was, door God geliefd was en van alle dingen die Hij de schepping gaf genoot. De lucht, het licht, het water enzovoorts − alles liep over van de liefde van God! Ik genoot van alles wat God ons gegeven had, maar mijn hart was van God verwijderd geraakt. Hoe verdrietig moet God hierdoor zijn geworden. Ik had het gevoel dat God vooral met de woorden: “Als je een geweten hebt en ook menslievend bent, je voelt je warm, verzorgd en geliefd, je voelt je gezegend met geluk” mijn hart en mijn geest leek te roepen. Toen ik in 2007 niet meer met mijn man kon blijven samenwonen en er geen plek was die ik thuis kon noemen, regelde God het Koreaanse Mensenrechtencentrum voor vrouwelijke migranten voor mij. Daar kreeg ik gratis onderdak en eten en werd er een advocaat voor me gevonden. De juridische afwikkeling van mijn scheiding werd kosteloos voor me verzorgd. Toen de tijd daar was dat ik naturalisatie aan kon vragen, schoof God een geestelijke van de presbyteriaanse kerk naar voren die mij sponsorde. Normaalgesproken zijn Koreanen zelden bereid als sponsor voor iemand op te treden. Daar kwam bij dat ik buitenlander was en bovendien slechts drie of vier keer naar die specifieke kerk was gegaan. Ik wist dat dit allemaal door de verborgen hulp van God mogelijk was gemaakt. Daar kwam het feit nog bij dat buitenlanders die naturalisatie aanvragen 30 miljoen won in vast vermogen dienen te hebben, maar ik had zelfs nog geen 3 miljoen. Het immigratiekantoor vroeg me om een bewijs van dienstbetrekking waarmee ik kon aantonen dat ik mezelf kon onderhouden, en ze deden helemaal niet moeilijk … God deed altijd wonderen voor mij als ik het het hardst nodig had, en dat was allemaal een demonstratie van Zijn soevereiniteit! Gods liefde is uitgestrekt en diep. Toch was ik te opstandig. Lang geleden was ik God vergeten en had ik Zijn hart gebroken. Deze lofzang raakte mijn geest en ik besloot mijn geloof te herwinnen en me nooit meer met losbandigheid in te laten en God verdriet te doen.

Op 19 februari 2017 kreeg ik vreselijke pijn aan mijn hoofd en mijn ogen. Ik ging naar het ziekenhuis, maar de behandeling die ik kreeg, hielp niet. Zuster Li, die in onze kerk was, stelde me voor aan een van haar vrienden die traditionele Chinese geneeskunde kende. Ze zei dat de behandeling slechts een week zou duren en dan zou helpen. Ik ging met haar mee voor de behandeling. Die dag ontmoetten we een broeder met de achternaam Jin, een vriend van degene die Chinese geneeskunde kende. Ik verwachtte geen broeder in de Heer te ontmoeten en ik dacht dat God dit zo geregeld moest hebben. Ik raakte in gesprek met broeder Jin over de Bijbel. Broeder Jin las ons de parabel van de tien maagden voor uit de Bijbel. Hij vroeg me: “Zuster, verheug je je op de wederkomst van de Heer?” Ik zei: “Natuurlijk!” De broeder zei: “Hoe komt de Heer dan weder?” Zonder aarzelen zei ik: “In de Heilige Schrift staat dat Hij op een wolk neer zal dalen!” De broeder zei: “Weet je wat? De Heer is al wedergekomen.” Ik was verbaasd toen ik dat hoorde en zei: “In Marcus hoofdstuk 13, vers 32 staat: ‘Niemand weet wanneer die dag of dat moment zal aanbreken, de engelen in de hemel niet en de Zoon niet, alleen de Vader.’ Niemand weet wanneer de Heer zal komen. Je zegt dat de Heer is wedergekeerd, maar hoe kun jij dat weten?” Broeder Jin gaf me geen rechtstreeks antwoord, maar in plaats daarvan vond hij enkele profetieën in de Bijbel over de wederkomst van de Heer. Er staat in Lucas 12:40: “Ook jullie moeten klaarstaan, want de Mensenzoon komt op een tijdstip waarop je het niet verwacht.” Er staat in Lucas 17:24-26: “Want zoals de bliksem licht geeft wanneer hij van de ene naar de andere kant van de hemel flitst, zo zal de Mensenzoon verschijnen. Maar eerst moet hij veel lijden en door deze generatie verworpen worden. En zoals het eraantoe ging in de dagen van Noach, zo zal het ook zijn in de dagen van de Mensenzoon”. Er staat in Openbaring 3:20: “Ik sta voor de deur en klop aan. Als iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal ik binnenkomen, en we zullen samen eten, ik met hem en hij met mij.” In Johannes 10:27 staat: “Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij.

Toen hij klaar was met voorlezen, zei broeder Jin: “De Heer vraagt van ons dat we waakzaam blijven, want niemand kent de dag dat Hij zal komen. Maar volgens de profetieën komt de Heer in de vorm van de Mensenzoon, wanneer Hij wederkomt. De Mensenzoon is de mensgeworden God, hetgeen betekent de in het vlees geïncarneerde God. Al weten we niet precies op welke tijd de Heer komt, we zullen Hem kennen aan Zijn stem. Dit komt omdat Gods schapen Gods stem zullen horen, en wanneer ze die horen, zullen ze Hem volgen …” Ik dacht toen aan mijn voorganger die had gezegd dat iedereen een bedrieger was die getuigde dat de Heer Jezus wedergekeerd was in het vlees. Ik kon niet meer luisteren naar wat broeder Jin zei, dus stuurde ik een sms naar de voorganger, waarin stond: “Iemand vertelt me dat de Heer in het vlees is teruggekeerd. Tot welke kerk behoren zij?” De voorganger antwoordde: “Zij zijn van Bliksem uit het oosten.” Hij zei dat ik meteen weg moest gaan en geen contact meer met hen mocht hebben. Ook wilde hij dat ik hun boeken nooit las en verder stuurde hij me een paar preken over hoe ik me kon beschermen tegen hun ketterij. Ik dacht dat wat de voorganger zei juist moest zijn en dus besloot ik niet naar hun communicaties te luisteren en ze gewoon te negeren.

Tot mijn verrassing kwamen broeder Jin en zijn jongere zuster op de middag van de 20e naar de plek waar ik behandeld werd. Hij vertelde me zo veel over het werk van de wederkomst van de Heer. Maar omdat ik die ochtend net het nieuws had gehoord dat mijn moeder was overleden, en ook nog twijfelde over de dingen waarover ze preekten, kon ik gewoon niets in me opnemen van wat ze zeiden. Dit ging zo drie dagen door en het leek erop dat broeder Jin het niet had opgegeven me het evangelie te prediken. Maar vanwege mijn innerlijke verwarring zei ik dat hij me met rust moest laten. Ik zei: “Laat maar. Als je tegen me blijft praten en als je niet weggaat, dan ga ik!” Broeder Jin zag dat ik echt niet luisterde en hij had geen andere keuze dan weg te gaan. Ik dacht dat broeder Jin niet nog eens zou proberen te komen, maar tot mijn verbazing bracht hij de volgende dag iemand onder de naam broeder Cheng mee en ging verder met het prediken van het evangelie. Ik dacht bij mezelf: waarom gaat hij maar door? Om mijn gezicht te redden kon ik het alleen maar voor lief nemen, maar ik ging de discussie niet met hen aan. Hoewel ik koel op hen reageerde, bleef broeder Cheng geduldig tegen me praten. Hij zei: “De Heer is al geïncarneerd wedergekomen op de wereld en Hij voert het werk van oordeel en tuchtiging uit …” Toen ik zag hoe geduldig en liefdevol hij was en hoe hij het geen moeite vond om tegen me te prediken, dacht ik: de mensen in onze kerk zijn zwak. Hun geloof en liefde zijn bekoeld. Hoe komt het dat het geloof en de liefde van de mensen die in Bliksem uit het oosten geloven zo groot zijn? Welke macht is het die hun steunt in hun inspanningen het evangelie met mij te delen? Als de Heilige Geest hier niet aan het werk was, zouden ze nooit in staat zijn dit op eigen kracht te doen!”

In deze tijd was er nog een broeder, met de achternaam Yang, die zich net als ik verdiepte in het werk van Almachtige God van de laatste dagen. Ik had altijd een achteloze en verstrooide houding gehad, maar broeder Yang was serieus in zijn onderzoek naar De Kerk van Almachtige God. Broeder Yang zei dat hij het evangelie van Almachtige God eerder had verworpen toen mensen het hem hadden gepredikt, maar dat het feit dat hij het nu weer hoorde een gelegenheid moest zijn die God hem gaf. Daarom was hij nu bereid dit te onderzoeken. Broeder Yang zag dat ik alleen naar de woorden van de voorganger wilde luisteren en niet open stond voor onderzoek. Hij vond een passage voor mij uit Matteüs 5:3-6: “Gelukkig wie nederig van hart zijn, want voor hen is het koninkrijk van de hemel. […] Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten. Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.” Toen ik het woord van de Heer had gelezen, vroeg ik me af: hoe komt het dat ik mezelf niet rustig kan krijgen in de aanwezigheid van de Heer en de waarheid kan zoeken? Als de Heer toevallig echt wedergekeerd is en ik niet luister naar hun predikingen of deze onderzoek, blijf ik dan niet achter? Ik zou me ook wat meer open moeten stellen en niet blindelings conclusies trekken op basis van mijn eigen fantasieën.” Net toen ik had besloten mijn hart gerust te stellen en eerlijk op onderzoek uit te gaan, belde er zomaar een predikant van mijn kerk op. Hij vroeg mij of ik nog steeds bij de mensen van De Kerk van Almachtige God was. Dat beaamde ik, en de predikant herinnerde me eraan dat ik het contact met hun moest verbreken. De vermaning van de predikant verdreef de gedachten die ik zojuist had gehad over een onderzoek naar De Kerk van Almachtige God. Ik dacht: de voorganger en de predikant begrijpen de Bijbel veel beter dan ik en zij erkennen de wederkomst van de Heer niet. Ik begrijp te weinig van de Bijbel en het ontbreekt mij aan onderscheidingsvermogen. Ik kan dus maar beter luisteren naar wat de voorganger en de predikant zeggen. Toen ik de telefoon ophing, zei ik tegen broeder Cheng: “Als broeder Yang het wil onderzoeken, dan kunnen jullie twee verder gaan met jullie discussies. Ik luister er niet meer naar.” En zo verwierp ik weer abrupt de redding van God.

Na een behandeling van een week keerde ik terug naar mijn werk. Door het overlijden van mijn moeder was mijn hart vol verdriet en leed en ik dacht onophoudelijk aan haar. Iedere dag als ik thuiskwam uit mijn werk keek ik naar een foto van mijn moeder en praatte ik tegen haar. Op een dag, dacht ik ineens: ik ben een gelovige in de Heer en steeds als ik moeilijkheden of zwakheden ondervind, kan ik dat aan de Heer vertellen. Als ik daarna met tegenspoed te maken kreeg, verscheen ik voor de Heer en bad en vroeg de Heer me te troosten. Maar hoe ik ook bad, het raakte me nooit vanbinnen. Soms viel ik onder het bidden in slaap. In die tijd leefde ik iedere dag in een staat van ernstige angst, zo erg dat ik van het minste geluid achter me onbeschrijflijk bang werd. In mijn angst en hulpeloosheid bad ik ernstig tot de Heer: “O Heer! Mijn hart is met duister gevuld en ik tril van angst. Zou ik ergens een fout gemaakt kunnen hebben? O Heer! De laatste dagen hebben mensen mij verteld dat u als Almachtige God bent wedergekeerd. O Heer! Als u echt bent wedergekeerd en echt de Almachtige God bent waarover ze me vertelden, dan vraag ik u een tijd vast te stellen en geschikte omstandigheden te bereiden zodat broeder Yang me kan bellen of een sms kan sturen. Als ze terugkomen zal ik, wat ze ook zeggen, een hart hebben dat uw nieuwe werk en woorden gehoorzaam en gretig aanvaardt. Als het niet uw werk is en als de boodschap die zij prediken vals en bedrieglijk is, blokkeer dan de weg voor hun en laat ze nooit meer terugkomen.”

Verbazingwekkend, maar nadat ik zo had gebeden verhoorde God mijn gebeden precies. Broeder Yang belde me echt en ik vertelde hem over alles wat er de laatste paar dagen was voorgevallen. Broeder Yang zei dat mijn hart verduisterd was omdat ik Gods werk van de laatste dagen had verworpen en tegen Hem in opstand was gekomen. Hij hoopte dat ik het werk van God van de laatste dagen zou blijven onderzoeken en deze keer verwierp ik zijn voorstel niet.

Niet lang daarna stuurde broeder Yang me een evangeliefilm. In die film kwam een regel voor in een dialoog die me wakker schudde: “Wij geloven in God en dus moeten we naar God luisteren, niet naar mensen.” Dat klopt, dacht ik, het is God waar ik in geloof, en het is God waar ik naar zou moeten luisteren! Maar in de tijd dat broeder Jin en broeder Cheng me vertelden over Gods werk van de laatste dagen, bleef ik de voorganger er vragen over stellen. Ik legde me neer bij wat de voorganger en de predikant zeiden en wilde het nieuwe werk van Almachtige God niet serieus onderzoeken of naar Gods woord luisteren. Ik had in de Heer geloofd, maar had niet tot Hem gebeden of bij Hem gezocht, maar in plaats daarvan had ik blindelings vertrouwd op wat de voorganger en de predikant hadden gezegd. Wat stom van mij! De Bijbel zegt: “We dienen God te gehoorzamen in plaats van de mens” (Handelingen 5:29). Ik geloofde in de Heer maar gehoorzaamde Hem niet. In plaats daarvan gehoorzaamde ik mensen. Ben ik daarom niet iemand geworden die in mensen gelooft en hun volgt? Is dit niet verzet bieden aan de Heer en Hem bedriegen? Als Almachtige God de wedergekeerde Heer Jezus is, en ik zo in opstand ben gekomen tegen Hem en me tegen Hem heb verzet, niet bereid Almachtige God te aanvaarden, ben ik dan geen blinde dwaas geweest? Heb ik de Heer dan niet buitengesloten?” Met dit in gedachten had ik diep berouw en de tranen welden op in mijn ogen.

Weer kwam ik in de aanwezigheid van de Heer en bad ik: “Heer Jezus Christus! Iemand heeft het evangelie gepredikt en zei dat u al geïncarneerd weder bent gekeerd en dat u Almachtige God, de Christus van de laatste dagen bent. Ik kan mezelf er niet toe zetten hiervan overtuigd te zijn, maar ik ben bereid in uw aanwezigheid te verschijnen om te zoeken en u te vragen mij te verlichten, zodat ik uw stem kan herkennen. Als u echt bent wedergekomen en Almachtige God bent, wil ik u mijn berouw tonen en uw werk en redding aanvaarden. Ik vraag u mij terug te voeren naar uw aanwezigheid.” Nadat ik had gebeden voelde ik een soort vreugde en een soort gevoel van troost dat ik niet onder woorden kon brengen. Het was iets wat ik allang niet meer had gevoeld en ik wist dat de Heer mijn gebeden had gehoord, dat het de Heer was die mij troostte en dat dit het bewijs was dat God mij had gegeven. Ik wilde meteen naar De Kerk van Almachtige God gaan om het te onderzoeken, maar ik dacht eraan hoe ik de broeders en zusters van De Kerk van Almachtige God beledigd moet hebben, dus schaamde ik me te zeer om naar hun kerk te gaan.

Midden in dit dilemma belde broeder Yang me en vroeg of ik tijd had. Hij zei dat hij hoopte dat ik het werk van Almachtige God van de laatste dagen kon blijven onderzoeken. Ik vertelde hem over mijn onzekerheden. Broeder Yang zei: “Dat is geen probleem. Wij gelovigen in God zijn een grote familie en de broeders en zusters in De Kerk van Almachtige God storen zich daar helemaal niet aan.” Toen ik broeder Yang dit hoorde zeggen, wist ik dat God begrip toonde voor mijn onvolwassen gestalte. Dus ging ik de volgende dag met broeder Yang mee naar De Kerk van Almachtige God.

De broeders en zusters waren blij te zien dat ik de weg terug had gevonden naar het pad. Ze getuigden formeel tegenover mij dat de Heer Jezus wedergekeerd was om de waarheid uit te drukken en het oordeelswerk uit te voeren, te beginnen in de laatste dagen in het huis van God. Ook communiceerden ze naar mij de betekenis van het werk van de vleesgeworden God in de laatste dagen en het belang van de incarnatie om de mensheid te redden. Daarna las ik Gods woorden waarin stond: “Ik zeg jullie, wie in God gelooft vanwege de tekenen, behoort zeker tot de categorie die vernietigd zal worden. Wie de woorden van Jezus die naar het vlees is teruggekeerd niet kan accepteren is zeker het nageslacht van de hel, de afstammeling van de aartsengel, de categorie die aan de eeuwigdurende vernietiging zal worden onderworpen. Veel mensen geven misschien niets om mijn woorden, maar toch wil ik iedere zogenaamde heilige die Jezus volgt vertellen dat als jullie met je eigen ogen Jezus vanuit de hemel zien neerdalen op een witte wolk dit de openbare verschijning van de zon der rechtvaardigheid zal zijn. Misschien is dat een tijd voor je van veel sensatie. Toch moet je weten dat het moment waarop jij getuige bent van de afdaling van Jezus vanuit de hemel ook de tijd is waarin jij naar de hel afdaalt om gestraft te worden. Het zal het einde van Gods managementplan inluiden, en het zal de tijd zijn waarin God de goeden beloont en de slechten straft. Want het oordeel van God zal voorbij zijn voordat de mens de tekenen ziet, als er alleen uitdrukking van de waarheid is. Wie de waarheid aanvaardt en niet op zoek is naar tekenen, en zo gezuiverd is, zal naar de troon van God en in de omarming van de Schepper zijn teruggekeerd. Alleen wie volhardt in het geloof dat ‘de Jezus die niet op een witte wolk rijdt een valse christus is’, zal aan eeuwigdurende straf onderworpen worden, want ze geloven alleen in de Jezus die tekenen laat zien, maar erkennen niet de Jezus die een streng oordeel uitspreekt en de ware weg van het leven uitvaardigt. Dus kan het alleen gebeuren dat Jezus hen aanpakt als Hij openlijk op een witte wolk terugkeert. Ze zijn te eigenwijs, hebben te veel vertrouwen in zichzelf en zijn te arrogant. Hoe kunnen zulke ontaarde mensen door Jezus worden beloond? De terugkeer van Jezus betekent een geweldige redding voor hen die de waarheid kunnen aanvaarden, maar voor hen die dat niet kunnen is het een teken van veroordeling. Jullie moeten je eigen pad kiezen, en jullie mogen de Heilige Geest niet blasfemeren en de waarheid verwerpen. Jullie zouden geen onwetende en arrogante personen moeten zijn, maar mensen die gehoorzamen aan de leiding van de Heilige Geest en hunkeren en zoeken naar de waarheid; alleen zo zullen jullie profiteren” (‘Tegen de tijd dat je het spirituele lichaam van Jezus ziet, zal God de hemel en de aarde opnieuw gemaakt hebben’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’).

Nadat ik het woord van God had gelezen, dacht ik zorgvuldig na over de waarheden die mijn broeders en zusters met mij hadden gecommuniceerd en waarover zij hadden getuigd. Ik begreep dat er twee manieren waren waarop de Heer wederkomt in de laatste dagen. Een was de verborgen komst van Christus en de andere de openlijke komst van de Heer voor ons allen. Het oordeelswerk van de vleesgeworden Almachtige God dat begint in het huis van God is inderdaad het werk van de verborgen komst van de Heer. Omdat de vleesgeworden God wedergekomen is onder de mensen, is Hij verschenen als een gewoon mens en kan niemand zien dat Hij God is door gewoon naar Hem te kijken. Niemand kent Zijn ware identiteit en dit wordt geheim gehouden voor de mensen. Alleen zij die Gods stem kunnen onderscheiden zullen Hem kennen, aanvaarden en volgen. Het is precies zoals de Heer Jezus heeft gezegd: “Mijn schapen luisteren naar mijn stem, ik ken ze en zij volgen mij” (Johannes 10:27). Zij die de stem van God niet herkennen zullen de vleesgeworden God zeker als een gewoon persoon behandelen. Ze zullen God ontkennen en zich tegen Hem verzetten en weigeren Hem te volgen, precies zoals de joodse farizeeërs dat in hun tijd deden. Ze zagen de Heer Jezus maar kenden Zijn identiteit niet en blind veroordeelden zij de Heer. De huidige tijd is de fase van Gods verborgen werk om de mensheid te redden. Almachtige God geeft uitdrukking aan het woord om te oordelen, te zuiveren en mensen te vervolmaken. Voordat de rampen zich voltrekken zal Hij een groep mensen tot overwinnaars maken. Als deze groep overwinnaars eenmaal compleet is, zal het werk van de verborgen komst van de vleesgeworden God ten einde komen. Als de rampen beginnen zal God de goeden belonen en de kwaden straffen en zal Hij openlijk aan alle landen en alle volkeren verschijnen. Tegen die tijd zullen de profetieën dat de Heer openlijk zal komen worden vervuld, precies zoals in de Bijbel geschreven staat: “En dan zal er een teken verschijnen van de Mensenzoon in de hemel: en dan zullen alle volken van de aarde treuren, en zullen ze de Mensenzoon zien komen op de wolken van de hemel met macht en grote glorie” (Matteüs 24:30). “Hij komt te midden van de wolken, en dan zal iedereen hem zien, ook degenen die hem doorstoken hebben. Alle volken op aarde zullen over hem weeklagen” (Openbaring 1:7). Dit is de reden dat alle geslachten op aarde zullen weeklagen wanneer de Heer op een wolk neerdaalt. Op dat moment werd mijn hart plotseling met licht gevuld en zag ik dat het werk van de verborgen komst van de Heer een grootse redding voor ons betekende. Alleen door het oordeel van het woord van God te aanvaarden tijdens de verborgen komst van de Heer kunnen wij gezuiverd worden en Gods redding verkrijgen. Als we Gods oordeelswerk nu niet aanvaarden, dan zullen wij degenen zijn die zich tegen de Heer verzetten als Hij openlijk op wolken komt en dan zullen we zeker huilen en met onze tanden knarsen. Op dat moment komt onze spijt te laat, want Almachtige God zegt: “Het oordeel van God zal voorbij zijn voordat de mens de tekenen ziet, als er alleen uitdrukking van de waarheid is.

Dank zij Almachtige God! Het woord van God ontsluiert alle mysteriën en werpt een helder licht op de waarheid in alle aspecten − mijn ogen waren geopend en ik was daarna in woord en hart overtuigd. In de daaropvolgende dagen ging ik regelmatig naar de kerk om samen met de broeders en zusters de woorden te lezen die God in de laatste dagen heeft uitgedrukt. We luisterden naar hymnes en zagen muziekvideo’s, video’s van recitaties van het woord van God en evangeliefilms, allemaal uitgebracht door de broeders en zusters van De Kerk van Almachtige God. Ik had het gevoel dat ik bij iedere bijeenkomst iets nieuws ontving en ik voelde me weergaloos gelukkig. Vooral in de evangeliefilms communiceerden de broeders en zusters tot in groot detail en met duidelijkheid over iedere kwestie, zodat alle twijfel en verwarring die ik zoveel jaren had gekoesterd over mijn geloof in de Heer beetje bij beetje oplosten. Ik zag dat De Kerk van Almachtige God werkelijk het werk van de Heilige Geest bezit en dat Almachtige God de wedergekomen Heer Jezus is! Waar ik nog meer opgewonden van raakte, was dat op de derde dag nadat ik me had aangesloten bij de kerk, ik de zuster zag die ik met Kerstmis 2016 had zien optreden met het loflied. Ook zij had het werk van Almachtige God van de laatste dagen geaccepteerd. Ik dank God oprecht, want door Gods hoede en verlichting konden wij gelijke tred houden met de voetstappen van het Lam, konden wij het goede land Kanaän bereiken vanuit de wildernis en terugkeren naar het huis van God en konden wij samen met Hem genieten van de overvloed en de aanvoer van Gods woorden van leven!

Ik denk dat het door een bijzondere vriendelijkheid van God was dat ik in staat was naar het huis van God terug te keren. Hoe had ik in het licht van mijn opstandige aard de wederkomst van de Heer kunnen verwelkomen zonder Gods leiding en hoede of het geduld van de broeders en zusters wanneer ze de woorden van God aan me communiceerden? Gods liefde voor mij is werkelijk zo groot dat ik deze met geen pen kan beschrijven! Ik wil alleen maar van mijn lof voor God zingen met hymnes en onwankelbaar Almachtige God volgen!

Sommige bijbelteksten zijn ontleend aan de Nieuwe Bijbelvertaling © 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap.

Thuiskomen