633 Mensen kennen Gods redding niet

633 Mensen kennen Gods redding niet

1 Het doel en de betekenis van mijn komst onder de mensheid is de gehele mensheid te redden, de gehele mensheid terug te brengen naar mijn huishouden, de hemel met de aarde te herenigen, en de mens de ‘tekens’ tussen hemel en aarde over te laten brengen, want dat is de ingewortelde functie van de mens. In de tijd dat ik de mensheid schiep, had ik alle dingen klaargemaakt voor de mensheid, en later stond ik de mensheid toe de rijkdommen te ontvangen die ik haar onder mijn voorwaarden gaf. Daarom zeg ik dat het onder mijn leiding is dat de gehele mensheid deze dag heeft bereikt. En dit alles is mijn plan.

2 Onder de gehele mensheid bestaan talloze hoeveelheden mensen onder de bescherming van mijn liefde, en leven talloze hoeveelheden onder de tuchtiging van mijn haat. Ofschoon de mensen allemaal tot mij bidden, zijn zij nog steeds niet in staat hun huidige omstandigheden te veranderen; als zij eenmaal de hoop verloren hebben kunnen zij slechts de natuur haar gang laten gaan en ophouden mij ongehoorzaam te zijn, want dit is alles wat door de mens bereikt kan worden. Wanneer het aankomt op de staat van het leven van de mens, moet de mens het echte leven nog vinden; hij heeft nog steeds de onrechtvaardigheid, de troosteloosheid en de ellendige omstandigheden in de wereld niet doorzien – en aldus, ware het niet dat er een ramp op komst was, zouden de mensen nog steeds Moeder Natuur omarmen, en zouden zij zich nog steeds verdiepen in de smaak van ‘het leven’. Is dit niet de realiteit van de wereld? Is dit niet de stem van de redding waarmee ik tot de mensheid spreek?

3 Waarom heeft, onder de mensheid, niemand mij ooit waarlijk liefgehad? Waarom heeft de mens mij enkel lief te midden van tuchtiging en beproevingen, maar heeft niemand mij lief onder mijn bescherming? Ik heb de mensheid mijn tuchtigingen vele malen geschonken. Ze kijken er naar, maar sluiten de ogen ervoor, en zij bestuderen en overdenken ze niet op dat moment, en daarom is alles wat over de mensheid komt genadeloos oordeel. Dit is slechts een van mijn werkwijzen, maar het is nog steeds met het doel de mens te veranderen en er voor te zorgen dat hij mij liefheeft.

Naar ‘Hoofdstuk 29’ van ‘Gods woorden aan het hele universum’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

633 Mensen kennen Gods redding niet