876 Het bestaan van de volledige mensheid hangt af van God

876 Het bestaan van de volledige mensheid hangt af van God

Gods laatste werk is niet enkel om de mens te straffen,

maar om de bestemming van de mens te schikken,

en om van allen erkenning te krijgen voor wat God deed.

God wil dat iedereen ziet dat Hij alles juist heeft gedaan,

dat alles wat Hij heeft gedaan een uitdrukking is van Zijn gezindheid.

Het is zeker niet door het toedoen van de mens,

of de natuur die menselijke wezens schiep.

Het is eerder God die elke levende ziel onder alle dingen voedt.

God is de enige redding, hoop van de mens,

en de Ene van wie het bestaan van de volledige mensheid afhangt.

Het werk dat God heeft gedaan kan door niemand vervangen worden.

Al wat Hij hoopt is dat de mens Hem kan vergoeden

met goede daden, goede daden.

Zonder God kan de mens alleen maar vergaan

en gekweld worden door rampen,

niemand zal de schoonheid van de zon en maan zien,

of de groene wereld terugzien;

de mensheid zal alleen de ijzige nacht tegemoet gaan

en de onverbiddelijke vallei van de schaduw van de dood.

Zonder God zal de mens niet meer vooruit gaan;

zonder God kan de mens alleen maar lijden

en verdrukt worden door spoken,

hoewel niemand aandacht aan Hem schenkt.

God is de enige redding, hoop van de mens,

en de Ene van wie het bestaan van de volledige mensheid afhangt.

Het werk dat God heeft gedaan kan door niemand vervangen worden.

Al wat Hij hoopt is dat de mens Hem kan vergoeden

met goede daden, goede daden.

met goede daden, goede daden,

goede daden, goede daden.

Naar ‘Bereid voldoende goede daden voor voor je bestemming’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

876 Het bestaan van de volledige mensheid hangt af van God