24. Wat is het verschil tussen een goede dienstknecht en een slechte dienstknecht?

24. Wat is het verschil tussen een goede dienstknecht en een slechte dienstknecht?

Relevante woorden van God:

Het werk van een gekwalificeerde werker kan mensen op de juiste weg helpen en hen helpen dieper de waarheid in te duiken. Het werk dat hij doet kan mensen voor God brengen. Daarnaast kan het werk dat hij doet variëren van persoon tot persoon en is het niet gebonden aan regels, waardoor mensen vrijlating en vrijheid kunnen ontvangen. Bovendien kunnen zij geleidelijk groeien in het leven en geleidelijk dieper gaan in de waarheid. Het werk van een ongeschikte werker schiet flink tekort; zijn werk is dwaas. Hij kan mensen alleen naar regels leiden. Wat hij vraagt van mensen varieert niet van persoon tot persoon; hij werkt niet in overeenstemming met de werkelijke noden van de mensen. In dit type werk zijn er te veel regels en te veel doctrines. Het kan mensen niet in de realiteit brengen of in de normale praktijk van groei in het leven. Het kan mensen enkel in staat stellen om te steunen op een paar waardeloze regels. Dergelijke leiding kan mensen alleen maar naar het verkeerde pad leiden. Hij leidt je om te worden hoe hij zelf is; hij kan je brengen naar wat hij heeft en is.

uit ‘Gods werk en het werk van de mens’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Mensen die God dienen, moeten Gods vertrouweling zijn. Ze moeten mensen zijn in wie God vreugde vindt en die God onvoorwaardelijk trouw blijven. Of je nu handelt achter de rug van anderen of in hun zicht, altijd kan God Zich in je verheugen en je blijft altijd overeind onder Zijn blik. En ongeacht hoe mensen je behandelen, je blijft altijd je eigen pad gaan en houdt de last van God steeds in gedachten. Dan pas kun je je een vertrouweling van God noemen. Vertrouwelingen van God kunnen Hem rechtstreeks dienen omdat God hen een belangrijke opdracht heeft gegeven en hen Zijn last te dragen geeft. Gods hart is hun hart, Zijn last is hun last. Ze denken niet aan succes of falen, zelfs als ze niets bereiken en uiteindelijk met lege handen staan, blijven ze in God geloven met een hart vol liefde. Daarom zijn zulke mensen Gods vertrouwelingen. Gods vertrouwelingen zijn ook Zijn deelgenoten. Alleen Gods vertrouwelingen kunnen Zijn rusteloosheid en Zijn verlangens delen. Hun vlees is pijnlijk en zwak, maar om God te behagen laten ze wat hen lief is achter zich en dulden ze de pijn. God geeft zulke mensen een extra zware last te dragen, en in hen drukt Hij uit wat Hij wil doen. Daarom vindt Hij vreugde in zulke mensen en kunnen zij Hem dienen volgens Zijn wil. Alleen zij kunnen samen met Hem heersen.

uit ‘Hoe te dienen in harmonie met Gods wil’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Ieder van jullie is een dienaar en moet als zodanig in staat zijn bij alles wat je doet de belangen van de gemeente voorop te stellen, in plaats van je eigen belangen te zoeken. Het is onaanvaardbaar dit werk alleen te doen, waarbij jij de een ondermijnt en de ander jou. Mensen die op deze manier handelen, zijn niet geschikt om God te dienen! Hun gezindheid is zo verkeerd, er is in hen geen greintje menselijkheid meer over. Ze zijn honderd procent Satan! Het zijn beesten! Zelfs vandaag de dag gebeuren dergelijke dingen nog steeds onder jullie, zozeer dat jullie elkaar aanvallen tijdens de bijeenkomsten, opzettelijk voorwendsels zoeken, met verhitte gezichten ruzie maken over kleinigheden, terwijl geen van de partijen bereid is een stapje opzij te doen. Ieder verbergt zijn innerlijke gedachten voor de ander, terwijl hij voortdurend als een soort wachtpost op de ander let. Een dergelijke gezindheid past toch niet bij het dienen van God? Kan zulk werk van jou de broeders en zusters werkelijk voorzien? Je bent niet alleen onbekwaam om anderen te leiden op de juiste levensweg, maar in feite draag je je verdorven gezindheid over op de broeders en zusters. Breng je anderen daarmee niet alleen maar schade toe? Je geweten is zo slecht, verdorven tot in de kern! Je ziet de realiteit niet onder ogen en brengt de waarheid niet in praktijk. Bovendien leg je schaamteloos je duivelse natuur bloot aan andere mensen, zonder je daarover ook maar enigszins te schamen! De broeders en zusters zijn aan jou toevertrouwd, maar je neemt ze mee naar de hel. Ben jij geen persoon wiens geweten verrot is? Je bent volkomen schaamteloos!

uit ‘Dienen zoals de Israëlieten deden’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Vele mensen begeren achter mijn rug om het geluk van een hoge status, ze doen alleen maar tegoed aan eten, slapen en de geneugten van het vlees en zijn steeds maar bang dat er geen uitweg is uit hun lichaam. In de kerk doen ze hun normale werk niet, maar eten gratis mee of gebruiken ze mijn woorden om hun broeders en zusters de les te lezen. Ze plaatsen zichzelf boven anderen om de baas over hen te spelen. Die mensen roepen om het hardst dat ze Gods wil doen en beweren steeds dat ze Gods vertrouwelingen zijn, maar is dat dan niet absurd? Als je de juiste intenties hebt, maar God niet kunt dienen volgens Zijn wil, ben je onwetend. Maar als je zegt dat je God dient terwijl je intenties niet juist zijn, ben je iemand die zich tegen God verzet en zou God je moeten straffen! Met zulke mensen heb ik geen medelijden! Mensen die in Gods huis gratis mee-eten, steeds lichamelijk comfort begeren, geen rekening houden met Gods belangen, maar altijd voordeel voor zichzelf zoeken, zich niets gelegen laten liggen aan Gods wil; mensen wier doen en laten niet door Gods Geest wordt beschouwd, die liegen en draaien om hun broeders en zusters te bedriegen; mensen die achterbaks zijn, als een vos die de wijngaard binnendringt, steeds de druiven steelt en de wijnstokken vertrapt, kunnen zulke mensen Gods vertrouwelingen zijn? Ben je dan Gods zegen waard? Als je geen enkele verantwoordelijkheid neemt voor je eigen leven en voor de kerk, ben je het dan waard van God een opdracht te ontvangen? Wie zou zo iemand nog durven vertrouwen? Als je zo God denkt te dienen, durft God je dan te belasten met een nog zwaardere taak? Ben je de zaken niet voor je uit aan het schuiven?

uit ‘Hoe te dienen in harmonie met Gods wil’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

God dienen is geen eenvoudige taak. Degenen met een verdorven gezindheid blijven onveranderd en kunnen God nooit dienen. Als jouw gezindheid niet door Gods woord is geoordeeld en getuchtigd, vertegenwoordigt jouw gezindheid nog steeds Satan. Dit is voldoende om te bewijzen dat je God dient vanuit je eigen goede intentie. Dit is dienst die gebaseerd is op je satanische natuur. Je dient God met je natuurlijke karakter en volgens je persoonlijke voorkeuren, sterker nog, je blijft maar denken dat God zich verheugt in alles wat je maar wilt doen en alles haat wat je niet wilt doen, en je wordt in je werk geheel geleid door je eigen voorkeuren. Kan dit God dienen worden genoemd? Uiteindelijk zal de gezindheid van je leven er geen jota mee veranderen; in tegendeel, je zult nog koppiger worden omdat je God hebt gediend, en hierdoor raakt je verdorven gezindheid nog dieper geworteld. Op deze manier zul je van binnen regels over het dienen van God ontwikkelen die hoofdzakelijk zijn gebaseerd op je eigen karakter en de ervaring die je opdoet met het dienen volgens je eigen gezindheid. Deze les kan worden getrokken uit de menselijke ervaring. Het is de levensfilosofie van de mens. Zulke mensen behoren tot de Farizeeën en de religieuze functionarissen. Wanneer zij niet op een gegeven moment wakker worden en berouw tonen, zullen zij uiteindelijk de valse Christussen worden die in de laatste dagen zullen verschijnen, en ze zullen de bedriegers van de mensen worden. De valse Christussen en bedriegers waarover is gesproken zullen voortkomen uit dit soort mensen. Als degenen die God dienen hun eigen karakter volgen en naar hun eigen wil handelen, zullen ze op elk moment het gevaar lopen uitgedreven te worden. Degenen die de ervaring van vele jaren dienst doen aan God gebruiken om de harten van anderen te veroveren, hen neerbuigend de les te lezen en hen te beteugelen, en degenen die nooit berouw tonen, hun zonden nooit opbiechten, nooit de voordelen van hun positie opgeven, zullen allen voor God ten val komen. Deze mensen zijn van hetzelfde type als Paulus, mensen die zich voorstaan op hun senioriteit en pronken met hun kwalificaties. God zal zulke mensen niet tot volmaaktheid brengen. Dit soort dienst hindert het werk van God. Mensen klampen zich graag vast aan het oude. Ze klampen zich vast aan opvattingen uit het verleden, dingen uit het verleden. Dit is een enorm obstakel voor hun dienst. Als je deze dingen niet van je af kunnen schudden, zullen ze je hele leven verstikken. God zal je niet prijzen, in het geheel niet, zelfs niet als je je benen of rug breekt van het rondrennen of het harde werk, zelfs niet als je je leven geeft in dienst van God. Integendeel: Hij zal zeggen dat je een boosdoener bent.

uit ‘Religieuze diensten moeten worden gezuiverd’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Iedereen die het doel van Gods werk niet begrijpt behoort tot degenen die zich tegen God verzetten, en dit geldt nog sterker voor degenen die zich bewust zijn van het doel van Gods werk en er toch niet naar streven God te behagen. Degenen die de Bijbel lezen in majestueuze kerken reciteren de Bijbel elke dag, maar toch begrijpt geen van hen het doel van Gods werk. Niemand van hen kent God en niemand leeft in overeenstemming met Gods hart. Ze zijn allemaal waardeloze, verachtelijke mensen, die alle vanuit de hoogte God onderwijzen. Hoewel ze met de naam van God schermen, verzetten ze zich moedwillig tegen Hem. Hoewel ze zichzelf gelovigen van God noemen, zijn ze degene die het vlees van de mens eten en zijn bloed drinken. Zulke mensen zijn allemaal duivels die de ziel van de mens verslinden, hoofd-demonen die doelbewust degenen die op het rechte pad willen wandelen voor de voeten lopen, struikelblokken die het pad van degenen die God zoeken moeilijker begaanbaar maken. En hoewel ze van ‘stevig vlees’ zijn, hoe kunnen hun volgelingen weten dat ze antichristen zijn die de mens leiden in zijn verzet tegen God? Hoe kunnen zij weten dat ze levende duivels zijn die er in het bijzonder op uit zijn hun zielen te verslinden?

uit ‘Alle mensen die God niet kennen, zijn mensen die zich tegen God verzetten’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Gedeelten uit preken en communicatie als referentie:

Kerkleiders en werkers op alle niveaus kunnen in drie categorieën worden ingedeeld. Het is juister ze te beschrijven als trouwe dienaren, verraderlijke dienaren of boosaardige dienaren. Dienaren van het eerste type kunnen echt Gods werk gehoorzamen, ze kunnen hun best doen Gods werk te waarborgen terwijl ze hun plichten uitvoeren, ze kunnen alles achterlaten om zich voor God uit te putten en ze kunnen God verheffen en van Hem getuigen. Alleen leden van deze groep streven werkelijk naar de waarheid, streven ernaar om te worden vervolmaakt en worden geclassificeerd als Gods trouwe dienaren. Dienaren van het tweede type ontbreekt het volledig aan de werkelijkheid van de waarheid, zijn niet in staat Gods werk te waarborgen terwijl ze hun plichten uitvoeren, handelen zaken niet af volgens de werkafspraken, doen wat ze willen en gedragen zich roekeloos, handelen volgens hun eigen vleselijke voorkeuren, behandelen mensen op basis van hun emoties, houden zich niet aan de principes van de waarheid, ondervinden moeilijkheden bij het beoefenen van de waarheid en proberen vaak deals met God te sluiten. Zij bevinden zich op het pad van de antichrist en worden geclassificeerd als verraderlijke dienaren. Dienaren van het derde type zijn arrogant en verwaand, jagen status na en zijn ambitieus. Ze willen altijd de door God uitverkoren mensen controleren, over anderen heersen en degenen die het met hen oneens zijn onderdrukken en discrimineren. Ze hinderen, binden en verstrikken de door God uitverkoren mensen, ze proberen hun macht te gebruiken om de door God uitverkoren mensen te controleren en stichten hun eigen onafhankelijke koninkrijk. Ze worden geclassificeerd als goddeloze mensen, mensen van dezelfde soort als valse leiders en antichristen, dat wil zeggen, boosaardige dienaren. …

… De Heilige Geest werkt in diegenen met goede menselijkheid die ook de waarheid liefhebben. Degenen zonder goede menselijkheid en liefde voor de waarheid ontbreekt het aan het werk van de Heilige Geest. Iemand met een bedrieglijke, valse en verraderlijke menselijkheid is een boosaardig mens die uiteraard wordt geclassificeerd als een boosaardige dienaar. Boosaardige dienaren zijn vijanden van God en de voorwerpen van Zijn verdoemenis en straf. Deze drie typen leiders en werkers te beschrijven als trouwe dienaren (zoals loyalisten waar ongelovigen het over hebben), verraderlijke dienaren (zoals verraderlijke hovelingen waar ongelovigen het over hebben) en boosaardige dienaren (zoals het tuig dat het land verraadt en overloopt naar de vijand waar ongelovigen het over hebben) is bijzonder toepasselijk, bijzonder adequaat. Degenen die zijn geclassificeerd als trouwe dienaren zijn eerlijker, bezitten een geweten en verstand, en ze ondersteunen Gods werk bij alle dingen terwijl ze hun plicht doen. Ze zijn gehoorzaam en trouw aan God. Zulke leiders en werkers zijn allemaal voorwerpen van Gods redding en vervolmaking. Degenen die zijn geclassificeerd als verraderlijke dienaren hebben de waarheid niet lief, zijn niet bereid de waarheid na te streven en tonen geen ware gehoorzaamheid aan God. Wanneer zij hun plicht uitvoeren, doen ze wat ze willen. Ze behandelen mensen op basis van hun emoties en zijn niet eerlijk en redelijk. In hun dienst aan God verzetten ze zich tegen Hem, volgen het vlees, doen dingen principeloos, en proberen zelfs deals te sluiten met God. Ze kunnen soms de waarheid en God verraden, en zelfs tegen de belangen van Gods huis ingaan, waarbij ze Gods werk niet in het minst waarborgen. Zulke mensen worden geclassificeerd als verraderlijke dienaren, net zoals de verraderlijk hovelingen waar de ongelovigen over spreken. … Natuurlijk worden alle verraderlijke dienaren als valse leiders en werkers geclassificeerd. Sommige valse leiders en werkers hebben echter een goede menselijkheid en zijn volledig in staat berouw te hebben en te veranderen. Ze moeten met liefde worden behandeld en een nieuwe kans worden gegeven om te oefenen. Maar degenen die boosaardige dienaren zijn, zijn alle valse leiders en antichristen die een demonische natuur bezitten. Natuurlijk worden boosaardige dienaren geclassificeerd als boosaardige mensen. Ze bezitten de natuur en de essentie van de duivel, wat de reden is dat deze boosaardige mensen in staat zijn tot allerlei soorten kwaad en ze de door God uitverkoren mensen wreed onderdrukken en vervolgen. Ze doen alles wat ze kunnen om Gods werk te hinderen en te onderbreken en verzetten zich in alles tegen God, alsof het hun volkomen aan gevoel ontbreekt. Hun harten zijn hard en koppig. Is dit niet het een vijand van God? Boosaardige mensen zijn niet te redden. Daarom moet Gods huis alle valse leiders en antichristen met een demonische natuur verbannen. Er is geen ruimte voor verzoening.

uit ‘Onderwerp je werkelijk aan Gods werk om de realiteit van de waarheid binnen te gaan’ in ‘Werkregelingen’

Wanneer degenen die dienen werkelijk bekwaam zijn, zullen degenen onder hen zich in coördinatie met hen bewegen – er zal een algemene sfeer van zowel spanning als harmonie zijn, vol van vitaliteit, en het kerkelijk leven zal elke dag verder opbloeien. Er zal geen sprake zijn van negativiteit of achterblijven. Er zal rechtvaardigheid ontstaan en alle kerkleden zullen het onderling eens zijn. Ze zullen verenigd zijn in hun inspanningen. Ze zullen allen in staat zijn getuigenis te geven van God en Hem verheffen. Dit is het beste resultaat. Wanneer de kerk nog steeds levenloos is en de meeste mensen negatief zijn, dan wordt daardoor bewezen dat er in je leiding geen pad wordt aangegeven. Het kerkelijk leven is als een koets en de leider is het koetspaard. Als het paard zijn doel dient, wordt de koets vooruit getrokken; het paard loopt stapvoets wanneer het stapvoets moet lopen en galoppeert wanneer het moet galopperen. Niets kan het tegenhouden. Wanneer iemand goed gekwalificeerd is om God te dienen, kunnen waar hij ook gaat alle problemen worden opgelost. Hij kan over welk probleem ze ook hebben het gesprek aangaan en hen de weg wijzen. Het is een grote vreugde voor anderen, alsof er een last van hun schouders is genomen. Hoe moeilijk de situatie van een bepaalde plaats ook is, wanneer hij er een paar dagen blijft en mensen voor een paar bijeenkomsten samenbrengt, zullen hun harten worden verlicht. Zodra ze de waarheid begrijpen zullen ze worden gevuld met energie en zal hun negativiteit volkomen worden weggenomen. De strijd van het vlees zal de kop worden ingedrukt en het kerkelijk leven zal op het juiste spoor terechtkomen. Iemand die God werkelijk dient kan door iemands tekortkomingen heen kijken, weet wat voor voeding verschillende mensen nodig hebben, waar moet worden begonnen, en hoe de problemen volkomen kunnen worden opgelost. Of het nu een nieuwe gelovige is of iemand die al lang gelooft, oud of jong, leidend of volgend, hij kan allen volledig voorzien van voedsel. Hun problemen kunnen alle worden opgelost en hij kan met alle mensen communiceren. Voor degenen die werkelijk in staat zijn God te dienen, zijn er geen regels wat betreft het communiceren van de waarheid, ze doen dit niet met aangeleerde frasen, maar spreken vanuit alle kanten en gezichtshoeken. Ze kunnen dingen in verschillende voordrachten uitleggen en allerlei soorten feiten samenbrengen, en mensen van alle sociale klassen zullen het begrijpen en de vruchten ervan plukken. Iedereen houdt ervan in de buurt te zijn van hen die werkelijk God dienen. De mensen zijn bereid hun harten te openen en met hen te communiceren, ze respecteren hen en zijn bereid vriendschap met hen te sluiten en van hart-tot-hart met hen te spreken. Als iedereen bang voor je is en zich voor je verstopt, heb je een probleem. Een zwarte kat die je pad kruist is een slecht voorteken. Degenen wier harten zijn afgestemd op Gods wil zijn altijd in de kerk, wandelen onder de mensen die het doel zijn van hun werk, leven en eten met hen, en praten de hele avond met hen. Ze sporen de mensen telkens weer opnieuw aan wanneer ze hun werk toevertrouwen. Ze zijn bang dingen niet goed uit te voeren en ze kijken iemand nooit met de nek aan. Ze weten dat het verlaten van de werkplek plichtsverzuim is – degenen die de mensen waarvoor ze werken verlaten zijn slechts profiteurs. Is het mogelijk om alle praktische problemen op te lossen zonder in contact te komen met de leiders en werkers op basisniveau die met je samenwerken? Kan het worden gedaan zonder diepgaand het kerkelijk leven op basisniveau te ervaren? Kan er ook maar iets worden bereikt zonder communicatie van hart tot hart? Kun je weglopen van je werk zonder dat je stem hees is geworden? Draag je nog steeds je last wanneer je geen vuur in je hart hebt? Al je niet bent afgevallen, werk je dan werkelijk wel zo hard? Geven degenen die gefocust zijn op eten en kleding wel echt om de vruchten die hun werk draagt? Kunnen ze Gods wil ter harte nemen? Kunnen ze echt goed werk doen als ze alleen in contact komen met de minderheid van de mensen die naar hun hart zijn terwijl ze degenen die dit niet zijn ontwijken? Zijn ze geen parasieten die een makkelijk, comfortabel en plezierig leven nastreven?

Degenen die echt in staat zijn God te dienen weten wanneer ze tekortschieten. Ze kunnen zich op elk moment toerusten en hun tekortkomingen compenseren. Tegelijkertijd communiceren ze ook de waarheid om anderen van voedsel te voorzien. Sterker nog, ze focussen zich op hun eigen binnengaan in de waarheid en het zichzelf beter leren kennen. Ze weten ervoor te zorgen dat ze niet arrogant, zelfvoldaan en opschepperig worden. Ze zijn bereid zichzelf open te stellen en laten anderen toe hun zwakheden en tekortkomingen te zien. Daarom is hun communicatie oprecht en authentiek, zonder valse pretenties. Mensen zullen vertrouwen in hen hebben, hen kunnen respecteren en de waarheden gehoorzamen die ze communiceren. Degenen die God werkelijk dienen, begrijpen het werk van de Heilige Geest en weten wat uit hun eigen ervaring afkomstig is en wat afkomstig is uit de verlichting van de Heilige Geest. Ze hebben harten die God vereren en zijn noch arrogant noch opschepperig. Ze kijken niet op anderen neer omdat ze het werk van de Heilige Geest hebben, maar zijn beter in staat meelevend te zijn met anderen, voor anderen te zorgen en anderen te helpen. Ze lijden liever zelf opdat anderen gelukkig kunnen zijn. Ze begrijpen de moeilijkheden die mensen ondervinden en begrijpen ook ten diepste hoe pijnlijk het voor een mens zonder de waarheid is om in de duisternis te vallen. Bovendien begrijpen ze de vreugde van het verlicht zijn door de Heilige Geest en zijn ze bereid zulke verlichting en de vreugde die deze brengt met anderen te delen. Het feit dat ze over het werk van de Heilige Geest beschikken beschouwen ze zelf niet als een bron van genot. Ze genieten van het werk van de Heilige Geest en houden rekening met Gods wil. Ze zijn bereid de moeilijkheden en de pijn van andere mensen weg te nemen en de vreugde die ze ontvangen uit het werk van de Heilige Geest door te geven aan anderen, om God tevreden te stellen. Ze kunnen proactief samenwerken met het werk van de Heilige Geest, houden rekening met Gods wil en geven hun eigen pleziertjes op om God tevreden te stellen. Ze weigeren de zegeningen van status en streven niet naar een speciale behandeling. Ze dienen God vroom en respectvol en doen trouw hun plicht. Alleen mensen die op deze manier God dienen, handelen in overeenstemming met Gods wil.

Om in overeenstemming met Gods wil te dienen, moet je allereerst veranderingen in je levensgezindheid ondergaan. Na de verandering kun je formeel beginnen te dienen. Er is een aantal jaren ervaring vereist en zonder de waarheid kunnen er geen goede resultaten worden bereikt. Maar als mensen werkelijk de ware betekenis van dienstverlening begrijpen, zullen ze weten hoe ze hun plichten goed moeten vervullen. Omdat ze diepgaand begrijpen dat het vervullen van iemands plicht is anderen te voorzien van de waarheid, de weg en het leven dat iemand heeft gewonnen uit Gods werk, en de kerk te voorzien van hun ervaring, kennis van God en het licht geopenbaard door de Heilige Geest, zodat anderen er in kunnen delen, en zodat ze allemaal een verandering in hun levensgezindheid kunnen bereiken, God leren kennen, God gehoorzamen, trouw zijn aan God en door God worden gewonnen. Het is niet zichzelf uitrusten met de kennis van de waarheid en anderen letters en doctrines onderwijzen om te laten zien hoe slim je bent. Het doen van je plicht is zorgen voor, helpen, rekening houden met en verzorgen van anderen met een liefde voor God, meer zorgen voor anderen dan voor jezelf, altijd aan anderen denken, alles doen met de kerk in gedachten, de voorkeur geven aan lijden wanneer daarmee de meeste mensen leven kunnen verwerven en kunnen worden gered, en elke prijs betalen opdat mensen de waarheid kunnen begrijpen en zichzelf kunnen uitputten voor God om Gods wil te bevredigen. Het is niet trots op jezelf zijn vanwege je status, of vasthouden aan pleziertjes van het vlees ongeacht hoeveel je broeders en zusters lijden, of eenvoudigweg je eigen wens om te eten, te drinken en genot te zoeken bevredigen terwijl je de belangen van je broeders en zusters opgeeft. Sommige mensen werken zelfs volgens hun eigen voorkeuren en emoties. Als iemand hen goed ontvangt en hun gunst wint, dan zullen ze met hen communiceren, is dit niet het geval dan zullen ze weigeren. De meest verachtelijke mens is hij die zijn werk uitvoert en er iets voor terug vraagt. Het doen van je plicht is het aanvaarden van Gods wil als je eigen wil, datgene als urgent behandelen wat God als urgent behandelt, overwegen wat God overweegt, bezorgd te zijn over Gods zorgen en de belangen van Gods familie altijd op de eerste plaats te zetten. Het is zo hard werken, dat je vergeet te eten en te slapen, en het is je tot het uiterste inspannen het werk dat God je heeft toevertrouwd te doen met het verantwoordelijkheidsgevoel van een meester. Het komt erop neer dat je niet moet verwachten voor een beetje werk te worden beloond, of plezier moet verwachten na een beetje lijden, of trots en verwaand moet worden nadat je wat resultaten hebt behaald, of moet genieten van status en als een tiran op moet treden. Degenen die trouw zijn in het doen van hun plicht onderwerpen zich aan Gods regelingen, zijn trouw en toegewijd, werken belangeloos en zonder te klagen als dienaren van God, en wensen alleen maar Gods liefde te beantwoorden en God met hun levens terug te betalen. Ze beschouwen zichzelf als niets meer dan een stofje zonder eer, zelfs als iemand die het niet waard is van Gods genade te genieten. Ze onderwerpen zich volkomen aan Gods orkestratie en klagen niet. Ze zijn niet gemeen en ze zijn geen schaamteloze hypocrieten die hun eigen leven koesteren, die ernaar streven zegeningen te ontvangen en die ernaar verlangen boven anderen te staan en ervan genieten superieur aan anderen te zijn. Het doen van je plicht is rekening houden met Gods wil en Gods last, je broeders en zusters als je ouders beschouwen, bereid zijn ieders dienaar te zijn, de levens van broeders en zusters in gedachten houden, verantwoordelijkheid durven nemen, niemand iets schuldig zijn, anderen alles laten winnen wat je zelf hebt gewonnen, God gewetensvol dienen, en ieders supervisie durven aanvaarden. Sommige mensen zeggen dingen die aangenaam zijn om te horen, maar werken vervolgens niet werkelijk. Ze genieten de gastvrijheid van hun broeders en zusters, maar onderdrukken hen toch. Ze vragen hun dit en dat voor hen te doen, om hun uiterste best te doen voor hen te zorgen. Ze lezen hun broeders en zusters de les en behandelen hen voortdurend, of ze vragen hen te komen verzorgen wanneer ze ziek zijn en hen te begeleiden wanneer ze dit nodig hebben. Zo’n mens die mensen tot zijn dienaren maakt, dient God in het geheel niet. Hij verhoogt zichzelf veeleer, getuigt van hemzelf, plaatst zichzelf op een verheven positie en laat zich door anderen als God behandelen. Hij is er heel bang voor dat hij een slechte reputatie krijgt en dat mensen niet door hem worden overtuigd. Hij is energiek in zijn pogingen en spaart geen moeite mensen hem te laten gehoorzamen en aanbidden. Hij zit op Gods plaats en leest mensen de hele dag de les. Hij kijkt op iedereen neer, doet alles wat in zijn macht ligt om zijn invloedssfeer uit te breiden en doet zijn eigen zaakjes om ervoor te zorgen dat anderen hem in het centrum plaatsen, naar zijn woorden luisteren, zijn regelingen gehoorzamen en God opzij zetten om in plaats daarvan hem te aanbidden. Nadat hij vele jaren heeft gewerkt, hebben de mensen die hij leidt nog steeds geen kennis van God. Integendeel, ze vrezen en gehoorzamen alleen hem. Hij is zelf een god geworden. Wanneer hij dit doet, leidt hij dan de mensen niet voor hemzelf? Dit soort mens is een rover, een dief binnen de familie, een antichrist.

uit ‘communicatie van boven’

24. Wat is het verschil tussen een goede dienstknecht en een slechte dienstknecht?