10. Wat is iemands plicht vervullen?

10. Wat is iemands plicht vervullen?

Relevante woorden van God:

Je plicht vervullen is de waarheid. Je plicht vervullen in Gods huis is niet simpelweg enkele verplichtingen vervullen of iets doen wat je behoort te doen. Het is de plicht vervullen van een geschapen wezen dat tussen hemel en aarde leeft! Het is je verplichtingen en verantwoordelijkheden vervullen voor de Heer van de schepping. Deze verantwoordelijkheden zijn je echte verantwoordelijkheden. Vergelijk het vervullen van de plicht door een geschapen wezen met kinderlijke gehoorzaamheid aan je ouders – wat is de waarheid? De plicht van een geschapen wezen vervullen is de waarheid; het is je heilige plicht.

uit ‘Wat is de werkelijkheid van de waarheid?’ in ‘Verslagen van de gesprekken van Christus’

Je plicht wordt niet door jou aangestuurd; het is niet je eigen onderneming of je eigen werk. Het is Gods werk dat jouw medewerking vereist, waardoor je plicht roept. Gods managementwerk is tot op de dag van vandaag uitgevoerd, en het aandeel dat mensen moeten leveren in Zijn werk, is de plicht van de mens. Wat voor soort plicht je ook vervult, het is niet je eigen onderneming of je eigen zaak. Het is het werk van het huis van God, het vormt één onderdeel van Gods managementplan, en het is de opdracht die God aan je heeft gegeven. Hoe behoor je dus met je plicht om te gaan? …

Bij het vervullen van je plicht moet je eerst Gods vereisten uitzoeken. Je plicht vervullen betekent niet je eigen voorkeuren kiezen of doen wat je maar zou willen doen, en het is niet doen wat je graag doet en wat je prettig vindt, of wat je in een goed daglicht zet. Als je je voorkeuren aan God opdringt of je eigen voorkeuren in praktijk brengt alsof ze de waarheid zijn, ernaar handelt alsof ze de principes van de waarheid zijn, is dat dan niet verkeerd? Dat is niet je plicht vervullen, en je plicht op die manier doen, zal God niet goedkeuren.

uit ‘Alleen door de principes van de waarheid te zoeken, kun je je plicht goed vervullen’ in ‘Verslagen van de gesprekken van Christus’

6. Je moet doen wat de mens hoort te doen en je verplichtingen nakomen, je verantwoordelijkheden nakomen en je aan je plicht houden. Omdat je in God gelooft, moet je een bijdrage leveren aan Gods werk; als je dat niet doet, ben je ongeschikt om de woorden van God te eten en te drinken, en ben je ongeschikt om in Gods huishouden te wonen.

uit ‘De tien bestuurlijke decreten waaraan Gods uitverkoren volk moet gehoorzamen in het Tijdperk van het Koninkrijk’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Als de mens zijn plicht doet, bereikt hij in werkelijkheid al datgene wat van nature in hem zit, dat wil zeggen: wat voor de mens mogelijk is. Dán is zijn plicht vervuld. De tekortkomingen van de mens tijdens zijn dienst worden gaandeweg minder door toenemende ervaring en het proces van zijn ervaring met oordeel; ze hinderen of beïnvloeden de plicht van de mens niet. Zij die ophouden te dienen of die zwichten en terugvallen uit vrees voor eventuele tekortkomingen in het dienen, zijn de allerlafsten onder de mensen. Als de mens niet kan uitdrukken wat hij geacht wordt uit te drukken tijdens de dienst of niet kan bereiken wat in essentie tot zijn mogelijkheden behoort, en in plaats daarvan aanmoddert en de dingen alleen voor de vorm doet, dan is hij de functie kwijtgeraakt die een schepsel hoort te hebben. Zo’n mens wordt gezien als een onbeduidende nul en zinloze verspilling van ruimte; hoe kan zo iemand de eer krijgen een schepsel genoemd te worden? Zijn zij niet de entiteiten van verdorvenheid die aan de buitenkant glanzen, maar van binnen rot zijn?

uit ‘Het verschil tussen de bediening van de vleesgeworden God en de plicht van de mens’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Er bestaat geen verband tussen de plicht van de mens en of hij gezegend of vervloekt is. Zijn plicht is wat de mens hoort te vervullen; het is zijn gezworen plicht en zou niet afhankelijk moeten zijn van vergoeding, voorwaarden of redenen. Dan pas is er sprake van zijn plicht vervullen. Een mens die gezegend is, geniet goedheid als hij na het oordeel vervolmaakt wordt. Een mens die vervloekt is, krijgt straf als zijn gezindheid onveranderd blijft nadat hij getuchtigd en geoordeeld is, dat wil zeggen dat hij niet vervolmaakt is. Als schepsel hoort de mens zijn plicht te vervullen, hij moet doen wat hij hoort te doen, en wat hij kan doen, of hij nu gezegend of vervloekt zal worden. Dit is de fundamentele voorwaarde voor de mens, als iemand die op zoek is naar God. Je moet je plicht niet vervullen alleen om gezegend te worden en je moet niet weigeren iets te doen uit angst om vervloekt te worden. Laat me jullie dit ene ding vertellen: Als de mens in staat is om zijn plicht te vervullen, betekent het dat hij doet wat hij hoort te doen. Als de mens niet in staat is om zijn plicht te vervullen, laat het zien dat de mens opstandig is.

uit ‘Het verschil tussen de bediening van de vleesgeworden God en de plicht van de mens’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Gedeelten uit preken en communicatie als referentie:

Welke plicht zou elk mens moeten uitvoeren? De plicht die elk mens moet uitvoeren is de waarheid die hij moet beoefenen, en de waarheid die hij moet beoefenen is de plicht die hij moet uitvoeren en de verplichting die hij moet vervullen. Als je de waarheid beoefent die je begrijpt en moet beoefenen, zul je je plicht naar behoren hebben vervuld. Als je de waarheid niet beoefent, vervul je je plicht niet. Je zit maar wat te rotzooien, je houdt God voor de gek en je bent gewoon laks met God. De uitoefening van je plichten moet noodzakelijkerwijze gepaard gaan met de waarheid, ze moet nauw verbonden zijn met de waarheid. Je moet alle waarheden die je begrijpt in praktijk brengen en de werkelijkheid van de waarheid uitleven. De werkelijkheid van de waarheid uitleven is een afbeelding van het ware beeld van de mens. Toen God de mens schiep, was dat gebaseerd op dit beeld, wanneer je dus het beeld van de waarheid uitleeft, zul je God tevreden stellen. God zal tevreden zijn wanneer Hij naar je kijkt, Hij zal je zegenen, Hij zal je het eeuwige leven schenken en Hij zal je eeuwig laten leven. Maar als je het beeld van de waarheid niet uitleeft, ben je het niet waardig menselijk te worden genoemd, en wanneer God naar je kijkt zal Hij denken dat je niets van de levensadem die Hij je heeft geschonken in je hebt, en zulk afval zal Hij elimineren. Wanneer je dus in God gelooft, moet je de waarheid die God de mensheid heeft geschonken ervaren en beoefenen, en uiteindelijk moet je de werkelijkheid van Gods woord uitleven. Dit is het uitvoeren van je plichten. ... Wanneer het je plichten aan de waarheid ontbreekt, voer je niet werkelijk je plichten uit, maar ben je in plaats daarvan laks, vals en bedrieglijk. Je handelt slechts de formaliteiten af, je volgt slechts de procedures. Je moet de waarheid beoefenen tijdens het uitvoeren van je plichten – alleen dit is het werkelijk uitvoeren van je plichten, alleen dit is het uitvoeren van je plichten volgens de norm, en alleen dit is de realiteit van een menselijk wezen bezitten. Wanneer je je plichten uitvoert, beoefen je reeds de waarheid. Elk werk dat je binnen de kerk verricht omvat het beoefenen van de waarheid. Wanneer je de waarheid beoefent kom je je verantwoordelijkheden na en vervul je je verplichtingen. Dit is je plicht, voer deze dus goed uit. Dit is wat we bedoelen met het beoefenen van de waarheid. Wat is dus de werkelijke relatie tussen het uitvoeren van onze plichten en het beoefenen van de waarheid? Het zijn twee verschillende manieren om hetzelfde te interpreteren. Van de buitenkant lijkt het alsof een plicht wordt uitgevoerd, maar in essentie wordt de waarheid beoefend. Zul je dus, als je de waarheid niet begrijpt wanneer je je plichten uitvoert, in staat zijn je werk op de juiste wijze uit te voeren? Dat zul je niet. Allereerst zul je geen duidelijk begrip hebben van wat het betekent om je plichten uit te voeren, of hoe je je plichten op de juiste wijze moet uitvoeren. Ten tweede, er zal een dag komen waarop je een duidelijk begrip zult hebben, maar ook dan zul je nog steeds niet op de juiste wijze je plichten uitvoeren, je zult nog steeds vele fouten maken. Op dat ogenblik zul je ontdekken dat je gezindheid te verdorven is, dat er veel tekortkomingen zijn in de dingen die je doet. Dan zul je beginnen met het nastreven van de waarheid om van deze verdorvenheid af te komen, en zodra je er van af bent gekomen en de waarheid hebt begrepen, zul je beginnen met het effectief uitvoeren van je plichten. Op dat ogenblik zul je je plichten op de juiste en gepaste wijze uitvoeren, niet slechts in naam, maar ook in werkelijkheid. Als je de waarheid bezit wanneer je je plicht uitvoert, als er niet ook maar het kleinste beetje verdorvenheid wordt uitgedrukt terwijl je je plicht uitvoert, dan zullen de benodigde resultaten worden bereikt met je uitvoering, en zul je de waarheid volgens de norm hebben beoefend. Dit is absoluut waar. Bij het uitvoeren van je plichten is het dus altijd heel cruciaal hoe je de waarheid nastreeft. Als je de waarheid niet nastreeft, dan is het zeker dat de uitvoering van je plichten ook niet aan de norm voldoet.

uit ‘Alleen het bij je plicht in de praktijk brengen van de waarheid zal Gods zegen winnen’ in ‘Preken en communicatie over het binnengaan in het leven V’

10. Wat is iemands plicht vervullen?