2. Waarom moet God mensen oordelen en tuchtigen?

2. Waarom moet God mensen oordelen en tuchtigen?

Relevante woorden van God:

Jezus deed veel werk onder de mens, maar voltooide alleen de verlossing van alle mensen en werd het zondoffer van de mens. Hij ontdeed de mens niet van heel zijn verdorven gezindheid. Om de mens volledig van de invloed van Satan te redden, was het niet alleen vereist dat Jezus de zonden van de mensheid als zondoffer op Zich nam, maar ook dat God nog belangrijker werk uitvoerde om de mens volledig te ontdoen van zijn gezindheid die door Satan was verdorven. Daarom keerde God nadat de zonden van de mensen waren vergeven terug in het vlees om de mens naar een nieuw tijdperk te leiden. Hij begon het werk van tuchtiging en oordeel, waardoor de mens in een hogere sfeer terechtkwam. Iedereen die zich aan Zijn heerschappij onderwerpt, zal een hogere waarheid genieten en een rijkere zegen ontvangen. Ze zullen echt in het licht leven en de waarheid, de weg en het leven verkrijgen.

uit ‘Voorwoord’ tot ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Voordat de mens werd verlost, waren al heel wat soorten vergif van Satan bij hem ingebracht en na duizenden jaren door Satan verdorven te zijn, is er bij hem een natuur ontstaan die zich tegen God verzet. Dat betekent dat toen de mens was verlost, dat niets meer dan een zaak van verlossing was, waarbij de mens tegen een hoge prijs gekocht was, maar waarbij de giftige natuur binnenin hem niet was geëlimineerd. De mens die zo bezoedeld is, moet een verandering ondergaan voordat hij het waard is om God te dienen. Door middel van dit werk van oordeel en tuchtiging zal de mens volledig de vuile en verdorven essentie van zichzelf leren kennen en hij zal volledig kunnen veranderen en gezuiverd kunnen worden. Alleen op deze manier kan de mens waardig worden om voor de troon van God terug te keren. Al het werk dat op deze dag wordt gedaan, is dusdanig dat de mens gezuiverd en veranderd kan worden. Door het oordeel en de tuchtiging door het woord en door de loutering kan de mens zijn verdorvenheid uitdelgen en rein worden gemaakt. Beter nog dan deze werkfase als een fase van redding te beschouwen, zou het treffender zijn om te zeggen dat deze het werk is van zuivering. Waarachtig, deze fase is een fase van overwinning, en ook de tweede fase in het reddingswerk.

uit ‘Het mysterie van de vleeswording (4)’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Je weet alleen dat Jezus zal nederdalen tijdens de laatste dagen, maar hoe precies zal Hij nederdalen? Kan een zondaar zoals jullie, die net is verlost en niet is veranderd of vervolmaakt door God, naar Gods hart zijn? Voor jou geldt dat jij, die nog steeds je oude zelf bent, inderdaad gered bent door Jezus en dat je niet beschouwd wordt als een zondaar vanwege de redding door God, maar dat bewijst niet dat je niet zondig bent en niet onzuiver bent. Hoe kun je heilig zijn als je niet veranderd bent? Van binnen ben je overladen met onzuiverheid, zelfzuchtig en verachtelijk, maar toch wil je nederdalen met Jezus – dan zou je wel boffen! Je hebt een stap overgeslagen in je geloof in God: je bent alleen nog maar verlost, maar je bent nog niet veranderd. Om naar Gods hart te zijn, moet God persoonlijk het werk verrichten, dat inhoudt dat Hij je verandert en zuivert. Anders zul jij, die alleen verlost is, geen heiligheid kunnen verkrijgen. Op die manier ben je niet gekwalificeerd om te delen in de goede zegeningen van God omdat je een stap mist in Gods werk van het managen van de mens, en wel de cruciale stap van verandering en vervolmaken. Daarom ben jij, een zondaar die net is verlost, niet in staat om rechtstreeks de erfenis van God te erven.

uit ‘Over titels en identiteit’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Waardoor is Gods vervolmaking van de mens bereikt? Door Zijn rechtvaardige gezindheid. Gods gezindheid bestaat in de eerste plaats uit rechtvaardigheid, toorn, majesteit, oordeel en vloek en Zijn vervolmaking van de mens komt voornamelijk door oordeel. Sommige mensen begrijpen het niet en vragen waarom het is dat God alleen in staat is om de mens volmaakt te maken door oordeel en vloek. Ze zeggen: “Als God er was om de mens te vervloeken, zou de mens dan niet sterven? Als God de mens zou oordelen, zou de mens dan niet veroordeeld worden? Hoe kan hij dan nog steeds volmaakt worden gemaakt?” Dat zijn de woorden van mensen die het werk van God niet kennen. Wat God vervloekt is de ongehoorzaamheid van de mens en wat Hij oordeelt zijn de zonden van de mens. Hoewel Hij hard en zonder enige gevoeligheid spreekt, openbaart Hij alles wat zich in de mens bevindt en door deze strenge woorden openbaart Hij dat wat wezenlijk is in de mens, maar door een dergelijk oordeel geeft Hij de mens een diepgaande kennis van het wezenlijke van het vlees en aldus onderwerpt de mens zich aan gehoorzaamheid aan God. Het vlees van de mens is zondig en van Satan, het is ongehoorzaam en het onderwerp van Gods tuchtiging en dus, om de mens zichzelf te laten kennen, moeten de woorden van Gods oordeel hem overkomen en moet er elke vorm van loutering worden toegepast; alleen dan kan Gods werk effectief zijn.

Uit de woorden van God kan worden afgeleid dat Hij het vlees van de mens reeds heeft veroordeeld. Zijn deze woorden dan de vloekwoorden? De woorden die door God worden gesproken onthullen de ware kleuren van de mens en middels zo’n onthulling wordt hij beoordeeld en wanneer hij ziet dat hij niet in staat is Gods wil tevreden te stellen, voelt hij innerlijk verdriet en spijt, voelt hij dat hij zo veel verschuldigd is aan God en onvoldoende is naar Gods wil. Er zijn tijden dat de Heilige Geest je van binnenuit disciplineert en deze discipline komt van Gods oordeel. Er zijn tijden dat God je verwijt en Zijn aangezicht voor je verbergt, wanneer Hij geen acht op jou slaat, niet in je werkt en je zonder geluid tuchtigt om je te louteren. Gods werk in de mens is in de eerste plaats om Zijn rechtvaardige gezindheid duidelijk te maken. Welke getuigenis van God draagt de mens uiteindelijk? Hij getuigt dat God de rechtvaardige God is, dat Zijn gezindheid rechtvaardigheid, toorn, tuchtiging en oordeel is. De mens getuigt van de rechtvaardige gezindheid van God. God gebruikt Zijn oordeel om de mens volmaakt te maken, Hij heeft de mens liefgehad en de mens gered, maar hoeveel is er vervat in Zijn liefde? Er is oordeel, majesteit, toorn en vloek. Hoewel God de mens in het verleden heeft vervloekt, heeft Hij de mens niet volledig in de bodemloze put geworpen, maar heeft dat middel gebruikt om het geloof van de mens te louteren; Hij heeft de mens niet ter dood gebracht, maar heeft gehandeld om zodoende de mens volmaakt te maken. Het wezenlijke van het vlees is dat wat van Satan is - God zei het precies goed – maar de door God uitgevoerde feiten zijn niet voltooid volgens Zijn woorden. Hij vervloekt je zodat je Hem zou kunnen liefhebben en opdat je het wezenlijke van het vlees zou kennen. Hij tuchtigt je zodat je wellicht ontwaakt, om je in staat te stellen de tekortkomingen in jezelf te kennen en de volslagen onwaardigheid van de mens te kennen. Dus, Gods vloeken, Zijn oordeel, Zijn majesteit en toorn, zijn allemaal om de mens volmaakt te maken. Alles wat God vandaag de dag doet en de rechtvaardige gezindheid die Hij in jullie duidelijk maakt, is allemaal om de mens te vervolmaken en zodanig is de liefde van God.

uit ‘Alleen door pijnlijke beproevingen te ervaren, kun je de liefelijkheid van God kennen’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Het werk dat nu wordt gedaan heeft waarlijk als bedoeling dat mensen Satan, hun oude voorouder, verzaken. Alle oordelen door het woord zijn erop gericht de verdorven gezindheid van de mens aan de kaak te stellen en mensen inzicht te geven in de essentie van het leven. Al deze herhaalde oordelen dringen het hart van mensen binnen. Elk oordeel heeft directe gevolgen voor hun lot en is bedoeld om hun hart te verwonden. Zo kunnen ze dat alles loslaten en het leven leren kennen, deze vuile wereld en ook Gods wijsheid en almacht, alsmede deze door Satan verdorven mensheid. Hoe meer van dit soort tuchtiging en oordeel, hoe meer het hart van een mens gewond kan raken en hoe meer zijn geest kan ontwaken. De geest van deze uitermate verdorven en zeer grondig misleide mensen opwekken, is het doel van een dergelijk oordeel. De mens heeft geen geest, dat wil zeggen, zijn geest is lang geleden gestorven. Hij weet niet dat de Hemel er is, weet niet dat er een God is en al helemaal niet dat hij worstelt in de afgrond van de dood. Hoe kan hij ooit weten dat hij in deze goddeloze hel op aarde leeft? Hoe kan hij ooit weten dat zijn ranzige lijk door Satans verdorvenheid in het Hades van de dood is gevallen? Hoe kan hij ooit weten dat alles op aarde al lang onherstelbaar is verwoest door de mensheid? En hoe kan hij ooit weten dat de Schepper nu op aarde is gekomen en op zoek is naar een groep verdorven mensen die Hij kan redden? Zelfs nadat een mens elke mogelijke loutering en elk oordeel heeft ondergaan, raakt zijn afgestompte bewustzijn nauwelijks geprikkeld en reageert het amper. De mensheid is zo gedegenereerd! Hoewel een dergelijk oordeel als de striemende hagel uit de lucht is, is het de mens tot grote zegen. Zonder dit oordeel van mensen zou er geen resultaat zijn. Het zou dan volstrekt onmogelijk zijn om mensen uit de afgrond van ellende te redden. Zonder dit werk zou het voor mensen heel moeilijk zijn om aan Hades te ontsnappen. Hun hart is immers lang geleden gestorven en hun geest lang geleden door Satan onder de voet gelopen. Jullie zijn ten diepste gezonken en gedegenereerd. Om gered te worden, moeten jullie streng worden aangesproken en streng worden geoordeeld. Alleen dan komen die ijskoude harten van jullie tot leven.

uit ‘Alleen de vervolmaakten kunnen een zinvol leven leiden’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

God verricht het werk van oordeel en tuchtiging zodat de mens kennis van Hem kan verkrijgen, en omwille van Zijn getuigenis. Zonder Zijn oordeel over de verdorven gezindheid van de mens, zou de mens Zijn rechtvaardige gezindheid die geen belediging duldt, onmogelijk kunnen kennen en zijn oude kennis van God niet in een nieuwe kunnen veranderen. Omwille van Zijn getuigenis, en omwille van Zijn management, maakt Hij Zijn totaliteit openbaar, en door Zijn publieke verschijning stelt Hij de mens in staat kennis van God te bereiken, veranderd te worden in zijn gezindheid, en een klinkend getuigenis van God af te leggen.

uit ‘Alleen zij die God kennen, kunnen een getuigenis van God afleggen’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

De laatste dagen zijn al aangebroken. Alle dingen in de schepping zullen worden geclassificeerd naar soort en ingedeeld in verschillende categorieën op basis van hun aard. Dit is het moment waarop God de uitkomst van de mensheid en haar bestemming onthult. Als mensen geen tuchtiging en oordeel ondergaan, kan hun ongehoorzaamheid en ongerechtigheid niet aan het licht gebracht worden. Alleen door tuchtiging en oordeel kan de uitkomst van de hele schepping geopenbaard worden. De mens toont zijn ware aard pas wanneer hij wordt getuchtigd en geoordeeld. Het kwaad zal bij het kwaad worden geplaatst, het goede bij het goede, en de gehele mensheid zal naar soort worden ingedeeld. Door tuchtiging en oordeel zal de uitkomst van de hele schepping worden geopenbaard, opdat de kwaden gestraft kunnen worden en de goeden beloond en alle mensen onderworpen worden aan de heerschappij van God. Al dit werk moet bereikt worden door rechtvaardige tuchtiging en oordeel. Omdat de verdorvenheid van de mens een hoogtepunt heeft bereikt en zijn ongehoorzaamheid buitengewoon buitensporig is geworden, kan alleen Gods rechtvaardige gezindheid, die hoofdzakelijk bestaat uit tuchtiging en oordeel en die in de laatste dagen wordt geopenbaard, de mens volledig transformeren en compleet maken. Alleen deze gezindheid kan het kwaad blootleggen en zo alle onrechtvaardigen zwaar straffen.

uit ‘De visie van Gods werk (3)’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

De essentie van Gods werk van tuchtiging en oordeel is om de mensheid te zuiveren en het is voor de dag van definitieve rust. Anders zal de hele mensheid niet in staat zijn haar eigen soort te volgen of de rust binnen te gaan. Dit werk is de enige weg van de mensheid om de rust in te gaan. Alleen Gods zuiveringswerk zal de mensheid van haar ongerechtigheid reinigen en alleen Zijn werk van tuchtiging en oordeel zal die ongehoorzame dingen onder de mensheid aan het licht brengen en daardoor degenen scheiden die gered kunnen worden van hen die dat niet kunnen, en zij die zullen overblijven van degenen die dat niet zullen. Wanneer Zijn werk klaar is, zullen de mensen die overblijven worden gezuiverd en zij zullen genieten van een meer wonderbaarlijk tweede menselijk leven op aarde, omdat zij een hogere sfeer van menselijkheid binnengaan; met andere woorden, ze zullen de rustdag van de mensheid ingaan en samenleven met God. Nadat degenen die niet kunnen blijven tuchtiging en oordeel hebben ondergaan, zullen hun oorspronkelijke vormen volledig worden geopenbaard, waarna ze allemaal vernietigd zullen worden en, net als Satan, niet meer op de aarde mogen overleven. De mensheid van de toekomst zal niet langer dit soort mensen bevatten; deze mensen zijn niet geschikt om het land van de definitieve rust binnen te gaan, noch zijn ze geschikt om de dag van rust in te gaan die God en de mens zullen delen, omdat ze het mikpunt van straf zijn, ze zijn goddeloos en ze zijn geen rechtvaardige mensen. … Zijn uiteindelijke werk om kwaad te straffen en goed te belonen, strekt geheel en al tot doel de hele mensheid volledig te zuiveren, zodat Hij een volstrekt heilige mensheid in eeuwige rust kan brengen. Deze fase van Zijn werk is Zijn meest cruciale werk. Het is de laatste fase van Zijn volledige managementwerk.

uit ‘God en de mens zullen gezamenlijk de rust ingaan’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Gedeelten uit preken en communicatie als referentie:

Waarom moet God de verdorven mensheid oordelen en tuchtigen, en wat is de bedoeling van Gods oordeel en tuchtiging van de verdorven mensheid? Deze waarheid is bijzonder belangrijk, want dit gaat over de waarheid met betrekking tot de visies op Gods werk. Als het mensen in hun geloof aan visie ontbreekt, weten ze niet hoe ze in God moeten geloven, en zelfs als ze wel in God geloven, dan zijn ze nog niet in staat het juiste pad te kiezen. Welke betekenis zou Gods oordeel en tuchtiging van de verdorven mensheid die zich tegen Hem verzet en Hem verraad dan hebben? We moeten hier allereerst duidelijk over zijn – God is de Schepper en Hij heeft het gezag om te heersen over het geschapene, het te oordelen en te tuchtigen. Gods gezindheid is ook rechtvaardig en heilig. Hij staat niet toe dat deze mensen die zich tegen Hem verzetten en Hem verraden in Zijn aanwezigheid leven. God laat niet toe dat er vuile en verdorven dingen in Zijn aanwezigheid bestaan. Daarom is Gods oordeel en tuchtiging van de verdorven mensheid juist en correct en wordt het bepaald door Gods gezindheid. We weten allemaal dat God rechtvaardig is, dat God de waarheid is. Dit is ons reeds duidelijk geworden uit de gezindheid die Hij openbaart. Al Gods woorden zijn de waarheid. God schiep de hemel en de aarde en alle dingen door Zijn woorden. Gods woorden zijn in staat alle dingen te maken en Gods woorden vormen ook de waarheid die alle dingen kan oordelen. God voert het werk van oordeel en tuchtiging van de verdorven mensheid uit in de laatste dagen. Iemand zou kunnen vragen: “Heeft God het oordeelswerk wel eens eerder uitgevoerd?” Hij heeft inderdaad heel veel werk van oordeel en tuchtiging gedaan. De kwestie is dat mensen het niet hebben gezien. Voordat er menselijke wezens bestonden, verzette Satan zich tegen God en verraadde hij Hem. En hoe oordeelde God Satan? Hij verbande Satan naar de aarde en alle engelen die Satan volgden werden met Satan naar beneden, naar de aarde, gestuurd. God dreef hen uit de hemel, naar beneden, naar de aarde – wat dit geen oordeel over Satan? Het was een oordeel over en een tuchtiging van Satan. Derhalve had God reeds voordat er mensen waren Satan geoordeeld en getuchtigd. We kunnen dit uit de Bijbel opmaken. Waren er, voordat deze mensheid bestond, andere mensen of andere schepsels die onderworpen waren aan Gods oordeel en tuchtiging? We kunnen met zekerheid zeggen dat al degenen die door God zijn vernietigd mensen waren die zich tegen God verzetten en tegen Hem rebelleerden, en dat ze allen onderworpen werden aan Zijn oordeel en tuchtiging. Gods oordeel en tuchtiging heeft dus bestaan vanaf het moment dat Hij de hemel en de aarde en alle dingen schiep. Dit is één aspect van Gods werk van het heersen over alle dingen, omdat Gods gezindheid onveranderlijk is – die kan nooit veranderen. We kunnen zien dat vanaf het moment dat er menselijke wezens waren, ze God hebben verraden en Satan hebben gevolgd. Ze hebben allen onder Gods vervloeking geleefd. Zovele mensen zijn onder Gods tuchtiging gestorven vanwege hun eigen kwaad, en sommige zijn uitgeroeid. Er zijn er zovele geweest die in God geloofden en zich toch tegen Hem verzetten, en uiteindelijk zijn ze allen omgekomen. Sommigen zijn gestraft in het spirituele rijk terwijl anderen zijn getuchtigd terwijl ze nog in leven waren. Dit is waarom de mensheid het als volgt heeft samengevat: “Wie goed doet, goed ontmoet, wie kwaad doet, kwaad.” Dit is allemaal Gods oordeel en tuchtiging. Gods werk van oordeel en tuchtiging in de laatste dagen heeft als doel de verdorven mensheid te redden. Door Gods werk te aanvaarden, aanvaarden we Gods oordeel en tuchtiging. Al degenen die tegen God rebelleren en God ongehoorzaam zijn terwijl ze Zijn werk ondergaan ontvangen Zijn oordeel en tuchtiging. Mensen zijn meestal onderworpen aan het oordeel en de tuchtiging van Gods woorden, maar soms ondergaan ze ook het oordeel en de tuchtiging van de feiten die op ze neerkomen, alsook Gods straffen. We hebben dit allemaal gezien. Sommigen zeggen: “De ongelovigen hebben Gods werk van oordeel en tuchtiging nooit aanvaard, zullen ze dus in staat zijn aan Gods oordeel en tuchtiging te ontsnappen?” Ongeacht of mensen Gods werk in de laatste dagen aanvaarden of niet, ze zullen allen worden onderworpen aan Gods oordeel en tuchtiging. Niemand kan eraan ontsnappen – dit staat vast. Degenen binnen de religie hebben Gods oordeel en tuchtiging niet aanvaard, toch kunnen ze er niet aan ontsnappen. Niemand kan ontsnappen aan de tuchtiging die God van tevoren voor de mens heeft vastgesteld omdat iedereen zijn eigen einde heeft en dit einde ook door God is vastgesteld – het is slechts een kwestie van tijd. Uit hun einde kunnen we opmaken wat voor soort oordeel en tuchtiging elk mens ontvangt. Sommigen aanvaarden Gods oordeel en tuchtiging, verwerven zuivering van God, wenden zich volkomen tot Hem en hun einde kent een goede bestemming – ze gaan binnen in het koninkrijk en verwerven eeuwig leven. Zo’n mens verwerft redding. Degenen die Gods oordeel en tuchtiging niet aanvaarden, dat wil zeggen, degenen die Gods werk niet aanvaarden, zullen uiteindelijk ten onder gaan en worden vernietigd. Dit is hun oordeel en tuchtiging zoals vooraf vastgesteld door God, alsmede hun uiteindelijke einde zoals is vastgesteld door Gods oordeel en tuchtiging. Er zijn momenteel vele leiders binnen de religieuze gemeenschap die zich tegen God verzetten – wat zal hun uiteindelijke einde zijn? Als ze geen berouw hebben, zullen ze uiteindelijk ondergaan en in het verderf worden gestort, want niemand kan ontsnappen aan Gods oordeel en tuchtiging. Dit is zeker. We hebben Gods oordeel en tuchtiging aanvaard, wat betekent dat we Gods reddingswerk voor de mensheid hebben geaccepteerd. We aanvaarden en ervaren Gods oordeel en tuchtiging op een positieve manier, ontwikkelen werkelijk berouw en bereiken uiteindelijk kennis van God en transformatie van onze levensgezindheid. Voor ons is deze vorm van oordeel en tuchtiging onze redding. Wat betreft degenen die weigeren Gods oordeel en tuchtiging te aanvaarden – hun einde zal bestraffing zijn en ze zullen uiteindelijk met ondergang en vernietiging worden geconfronteerd. Dit is het gevolg van het ontwijken van Gods oordeel en tuchtiging.

uit ‘Dat God Zijn werk op verschillende manieren uitvoert om de mensheid te redden, heeft enorme betekenis’ in ‘Preken en communicatie over het binnengaan in het leven III’

2. Waarom moet God mensen oordelen en tuchtigen?