Waarom krijgt elke nieuwe fase van Gods werk te maken met de hevige weerstand en veroordeling van de religieuze wereld? Wat is de hoofdoorzaak?

Bijbelverzen ter referentie:

“Hij begon tegen hen te spreken in gelijkenissen: ‘Een man legde een wijngaard aan en omheinde die. Hij groef een kuil voor de wijnpers en bouwde een uitkijktoren. Hij verpachtte de wijngaard aan wijnbouwers en ging op reis. Na verloop van tijd stuurde hij een knecht naar de wijnbouwers om zijn deel van de opbrengst van hen te ontvangen; maar ze grepen hem vast, mishandelden hem en stuurden hem met lege handen terug. Daarna stuurde hij een andere knecht naar hen toe, die ze in het gezicht sloegen en vernederden. Hij stuurde nog een derde, die ze doodden, en nog vele anderen; sommigen werden door de wijnbouwers mishandeld en anderen werden door hen gedood. Ten slotte was alleen nog zijn geliefde zoon over; die stuurde hij als laatste naar hen toe, met de gedachte: Voor mijn zoon zullen ze wel ontzag hebben. Maar de wijnbouwers zeiden tegen elkaar: ‘Dat is de erfgenaam. Kom op, laten we hem doden, dan is de erfenis van ons.’ e grepen hem vast en doodden hem en gooiden zijn lichaam buiten de wijngaard. Wat zal de eigenaar van de wijngaard daarna doen? Hij zal zelf komen om de wijnbouwers om te brengen en hij zal de wijngaard aan anderen geven’” (Marc. 12:1–9).

“Toen kwamen de hogepriesters en de Farizeeën bijeen in de raad, en zeiden: ‘Wat doen we? Want deze mens verricht veel wonderen. Als we hem dus zijn gang laten gaan, zullen alle mensen in hem geloven: en zullen de Romeinen komen om zowel onze plaats als ons volk af te nemen.’ … Vanaf die dag overlegden ze gezamenlijk om hem ter dood te brengen” (Joh. 11:47–53).

Relevante woorden van God:

De reden dat de mens zich tegen God verzet komt aan de ene kant voort uit de verdorven gezindheid van de mens en aan de andere kant uit zijn onwetendheid van God en gebrek aan begrip van de principes van Gods werk en Zijn wil ten opzichte van de mens. Deze twee aspecten samen vormen een geschiedenis van verzet van de mens tegen God. Nieuwelingen in het geloof verzetten zich tegen God omdat dit verzet in hun natuur ligt, terwijl het verzet tegen God van degenen die alle jaren geloven het resultaat is van hun onwetendheid van God en hun verdorven gezindheid.

uit ‘Allen die God niet kennen, zijn degenen die zich tegen God verzetten’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Het werk van God gaat door. Het doel van Zijn werk blijft weliswaar onveranderd, maar de middelen waarmee Hij werkt veranderen voortdurend. Dus veranderen Zijn volgelingen ook. Hoe meer werk van God er is, hoe beter de mens God leert kennen, en de gezindheid van de mens verandert met Zijn werk mee. Maar omdat het werk van God steeds verandert, worden zij die het werk van de Heilige Geest niet kennen en de absurde mensen die de waarheid niet kennen, tegenstanders van God. Het werk van God zal nooit op de opvattingen van de mens worden afgestemd, want Zijn werk is altijd nieuw en nooit oud. Nooit herhaalt Hij Zijn oude werk, Hij werkt liever gestaag door aan wat nooit eerder is gedaan. Omdat God Zijn werk nooit herhaalt en de mens steevast Gods huidige werk op basis van Zijn werk in het verleden beoordeelt, is het bijzonder moeilijk voor God om ieder stadium van het werk van het nieuwe tijdperk uit te voeren. De mens werpt veel te veel hindernissen op! De mens denkt veel te bekrompen! Niemand kent het werk van God, maar toch definieert iedereen Zijn werk. Als de mens weg is bij God verliest hij zijn leven, de waarheid en de zegen van God. Toch aanvaardt de mens het leven en de waarheid niet, net zomin als de hogere zegeningen die God de mensheid schenkt. Alle mensen willen God winnen maar kunnen toch geen verandering in Gods werk verdragen. Zij die het nieuwe werk van God niet aanvaarden geloven dat het werk van God onveranderlijk is, en dat Gods werk voor eeuwig stil blijft staan. Zij geloven dat ze zich alleen maar aan de wet hoeven te houden om de eeuwige redding van God te ontvangen en dat zolang ze maar berouw tonen en hun zonden opbiechten Gods wil voor altijd tevreden gesteld zal zijn. Ze menen dat God voor de mens slechts de God van de wet en de God die aan het kruis was genageld kan zijn; ze menen ook dat God de Bijbel niet mag en kan ontstijgen. Juist deze meningen hebben hen stevig aan de oude wet verankerd en aan strikte regelingen vastgeketend. Zelfs nog meer mensen geloven dat wat het nieuwe werk van God ook is, het onderbouwd moet zijn door profetieën, en dat in ieder stadium van het werk aan iedereen die Hem met een oprecht hart volgt ook openbaringen getoond moeten worden, anders zou dat werk nooit van God kunnen zijn. Het is al geen gemakkelijke opgave voor de mens om God te leren kennen. Als je daarbij het absurde hart en de opstandige natuur van gewichtigheid en verwaandheid van de mens optelt, is het nog veel moeilijker voor de mens om het nieuwe werk van God te aanvaarden.

uit ‘Hoe kan een mens met een vastomlijnde opvatting over God de openbaring van God ontvangen?’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Omdat er altijd nieuwe ontwikkelingen zijn in Gods werk, is er nieuw werk en is er ook werk dat achterhaald en oud is. Dit oude en nieuwe werk spreekt elkaar niet tegen, maar vult elkaar aan. Elke stap gaat verder waar de vorige gebleven is. Omdat er nieuw werk is, moeten de oude dingen natuurlijk verwijderd worden. Zo zijn er bijvoorbeeld oude gebruiken en gebruikelijke uitspraken van de mens die samen met de vele jaren ervaring en onderwijs van de mens, in de gedachten van de mens vorm hebben gegeven aan allerlei opvattingen. Wat nog meer bijdraagt aan het vormen van opvattingen door de mens, is dat God Zijn ware gezicht en Zijn gezindheid ten opzichte van de mens nog volledig moet openbaren, dit samen met het feit dat traditionele theorieën uit de oudheid jarenlang verspreid zijn. Het mag gezegd dat gedurende het geloof van de mens in God, de invloed van verschillende opvattingen heeft geleid tot de continue vorming en evolutie van een menselijke kennis waarbij de mens allerlei soorten opvattingen over God heeft gevormd – met als resultaat dat veel religieuze mensen die God dienen Zijn vijanden zijn geworden. En zo zijn ze, naarmate hun opvattingen sterker werden, zich meer gaan verzetten tegen God en meer Zijn vijand geworden. Het werk van God is altijd nieuw en nooit oud en het is nooit een doctrine, in plaats daarvan is het in meer of mindere mate continu onderhevig aan verandering en vernieuwing. Dit werk is de uiting van de inherente gezindheid van God Zelf. Het is ook het inherente principe van Gods werk en een van de manieren waarop God Zijn management vervult. Als God niet op deze manier zou werken, zou de mens niet veranderen of in staat zijn om God te kennen en zou Satan niet worden verslagen. Daarom komen er in Zijn werk continu veranderingen voor die willekeurig lijken, maar in feite regelmatig terugkeren. De manier waarop de mens in God gelooft is echter heel anders: hij houdt vast aan oude, bekende doctrines en systemen en hoe ouder ze zijn hoe aangenamer hij ze vindt. Hoe kan het onwetende verstand van de mens, een verstand dat zo onbuigzaam is als steen, zo veel ondoorgrondelijk nieuw werk en nieuwe woorden van God accepteren? De mens verafschuwt de God die altijd nieuw is en nooit oud. Hij houdt alleen van de ouderwetse oude God die wit haar heeft en onbeweeglijk is. Doordat God en de mens beide hun eigen voorkeur hebben, is de mens zo de vijand van God geworden. Veel van deze tegenstellingen bestaan nu nog, op het moment dat God gedurende bijna zesduizend jaar nieuw werk heeft verricht. Daar is geen oplossing voor.

uit ‘Alleen zij die het huidige werk van God kennen kunnen God dienen’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Komen niet juist veel mensen tegen God in opstand en werken zij het werk van de Heilige Geest niet juist tegen omdat ze het gevarieerde en veelzijdige werk van God niet kennen, en bovendien slechts een fractie bezitten aan kennis en doctrine waarmee het werk van de Heilige Geest gemeten kan worden? Hoewel de ervaringen van dergelijke mensen oppervlakkig zijn, zijn ze van nature arrogant en toegeeflijk en kijken zij met minachting naar het werk van de Heilige Geest, negeren ze de disciplines van de Heilige Geest en gebruiken ze bovendien hun onbeduidende, oude argumenten om het werk van de Heilige Geest te bevestigen. Zij spelen ook komedie en zijn helemaal overtuigd van hun eigen geleerdheid en uitgebreide kennis, en dat ze over de hele wereld kunnen reizen. Worden dergelijke mensen niet verafschuwd en verworpen door de Heilige Geest, en zullen ze niet geëlimineerd worden door het nieuwe tijdperk? Zijn zij die voor God komen en zich openlijk tegen Hem verzetten niet kortzichtige, kleine mensen die alleen maar proberen te laten zien hoe slim ze zijn? Met slechts weinig kennis van de Bijbel proberen zij zich tegenover de academische wereld op te stellen. Met slechts een oppervlakkige doctrine om mensen wat bij te brengen, proberen ze het werk van de Heilige Geest om te keren en het in te passen in hun eigen denkpatroon; en kortzichtig als ze zijn, proberen ze in één vluchtige blik zesduizend jaar van Gods werk te zien. Deze mensen hebben geen enkel verstand van spreken! In feite is het zo dat hoe meer kennis mensen van God hebben, hoe langzamer ze zijn om Zijn werk te beoordelen. Bovendien praten ze maar weinig over hun kennis van Gods werk van vandaag en zijn ze niet lichtvaardig in hun oordeel. Hoe minder ze van God weten, hoe arroganter en overmoediger mensen zijn en hoe willekeuriger ze Gods wezen proclameren. Maar het is slechts theorie en ze bieden geen echt bewijs. Zulke mensen zijn geenszins van waarde. Zij die het werk van de Heilige Geest zien als een spelletje zijn onnozel! Zij die niet opletten als ze worden geconfronteerd met het nieuwe werk van de Heilige Geest, die hun woordje snel klaar hebben, snel zijn om te oordelen, die hun natuurlijke instinct de vrije teugel geven om de juistheid van het werk van de Heilige Geest te ontkennen, en dit ook te beledigen en te belasteren, zouden zulke respectloze mensen het werk van de Heilige Geest kennen? Zijn zij daarnaast niet ook degenen die arrogantie vertonen, die inherent trots en onbestuurbaar zijn? Zelfs als er een dag komt waarop zulke mensen het nieuwe werk van de Heilige Geest aanvaarden, zal God hen nog steeds niet tolereren. Ze kijken niet alleen neer op degenen die werken voor God, maar lasteren ook tegen God Zelf. Dergelijke onbezonnen mensen zullen geen vergeving ontvangen, noch in dit tijdperk noch in het komende, en zij zullen eeuwig vergaan in de hel! Dergelijke respectloze, toegeeflijke mensen doen alsof ze in God geloven en hoe meer ze dat doen, des te waarschijnlijker het is dat ze Gods bestuurlijke decreten zullen beledigen. Bewandelen al deze arrogante mensen, die van nature teugelloos zijn en nooit iemand gehoorzaamd hebben, niet dit pad? Keren zij zich niet dagelijks tegen God, tegen Hem die altijd nieuw is en nooit oud?

uit ‘Het kennen van de drie fases van Gods werk is de weg naar het kennen van God’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Elk van de drie werkfases wordt uitgevoerd op basis van de vorige fase. Die wordt niet onafhankelijk uitgevoerd, los van het reddingswerk. Hoewel er grote verschillen zijn in het tijdperk en het soort werk dat wordt verricht, gaat het in de kern telkens om de redding van de mensheid en elke fase van het reddingswerk gaat dieper dan de vorige. Elke werkfase gaat door op het fundament van de vorige, die niet is opgeheven. Op deze manier geeft God in Zijn werk, dat altijd nieuw is en nooit oud, voortdurend uitdrukking aan een aspect van Zijn gezindheid, dat voor de mens eerder nooit tot uitdrukking is gebracht. Hierdoor wordt Zijn nieuwe werk en Zijn nieuwe wezen altijd aan de mens geopenbaard en hoewel de religieuze oude garde haar uiterste best doet om zich hiertegen te verzetten en er openlijk tegenin te gaan, doet God toch altijd het nieuwe werk dat Hij van plan is te doen. Zijn werk is altijd in beweging en daarom ondervindt het altijd weerstand van de mens. Zijn gezindheid is dus ook altijd aan verandering onderhevig, evenals het tijdperk en de ontvangers van Zijn werk. Bovendien verricht Hij altijd werk dat nog nooit eerder is verricht, zelfs werk waarvan het voor de mens lijkt alsof het in tegenspraak is met het werk dat eerder is verricht en daarmee in strijd is. De mens kan alleen maar één soort werk of één manier van praktiseren aanvaarden. Het is voor de mens moeilijk om werk of een manier van praktiseren te aanvaarden die hem vreemd is of hoger reikt dan hemzelf. Maar de Heilige Geest is altijd bezig met nieuw werk en dus verschijnen er steeds weer groepen van religieuze deskundigen die zich verzetten tegen het nieuwe werk van God. Deze mensen zijn juist experts geworden omdat de mens niet beseft dat God altijd nieuw is en nooit oud, en geen kennis heeft van de beginselen van Gods werk en, wat nog belangrijker is, geen kennis heeft van de vele manieren waarop God de mens redt. Als zodanig is de mens nauwelijks in staat om te weten of het het werk van de Heilige Geest is en of het het werk van God Zelf is. Veel mensen klampen zich vast aan een houding waarbij ze, indien het overeenkomt met de eerdere woorden, ze het aanvaarden en indien er verschillen zijn met het werk van daarvoor, ze ertegen zijn en het verwerpen. Houden jullie je vandaag de dag niet allemaal aan deze beginselen? … Weet wel dat jullie tegen Gods werk ingaan of jullie eigen opvattingen erop na houden om het werk van vandaag te beoordelen, omdat jullie de beginselen van Gods werk niet kennen en omdat jullie het werk van de Heilige Geest niet serieus genoeg nemen. Jullie tegenstand tegen God en jullie obstructie van het werk van de Heilige Geest worden veroorzaakt door jullie opvattingen en inherente arrogantie. Het is niet omdat Gods werk verkeerd is, maar omdat jullie van nature te opstandig zijn. Nadat ze tot geloof in God zijn gekomen, kunnen sommige mensen zelfs niet met zekerheid zeggen wat de oorsprong van de mens is. Toch durven ze te komen met openbare toespraken waarbij ze vertellen wat er wel en niet klopt van het werk van de Heilige Geest. En ze lezen zelfs de apostelen de les, die het nieuwe werk van de Heilige Geest hebben. Ze leveren commentaar en spreken voor hun beurt. Qua menselijkheid zitten ze op een te laag peil en ze hebben niet het minste verstand. Zou de dag niet komen waarop zulke mensen door het werk van de Heilige Geest worden verworpen en zullen branden in het vuur van de hel? Ze kennen het werk van God niet, maar bekritiseren Zijn werk wel en willen God dan ook nog vertellen hoe Hij moet werken. Hoe kunnen zulke onredelijke mensen God kennen? Tijdens het proces van het zoeken en ervaren van God leert de mens Hem kennen. Hij leert God niet kennen door de verlichting van de Heilige Geest als hij Hem in een opwelling bekritiseert. Hoe accurater mensen God kennen, hoe minder ze tegen Hem opstaan. Hoe minder goed mensen God daarentegen kennen, des te waarschijnlijker het is dat ze tegen Hem in opstand komen. Je opvattingen, je oude natuur en je menselijkheid, karakter en morele zienswijze zijn het ‘kapitaal’ waarmee je tegen God in opstand komt, en hoe meer verdorven, gedegenereerd en verlaagd je bent, hoe meer je Gods vijand bent. Zij die gruwelijke opvattingen hebben en een gezindheid van zelfgenoegzaamheid leven zelfs in nog meer vijandschap met de vleesgeworden God en zulke mensen zijn de antichristen. Als je opvattingen niet worden rechtgezet, dan zullen deze altijd tegen God zijn. Je zult nooit verenigbaar met God zijn en je zult altijd los van Hem zijn.

uit ‘Het kennen van de drie fases van Gods werk is de weg naar het kennen van God’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Willen jullie weten wat er aan de wortel van de tegenstand van de farizeeërs tegen Jezus ligt? Willen jullie de essentie van de farizeeërs kennen? Ze zaten vol fantasieën over de Messias. Sterker nog, ze geloofden alleen dat de Messias zou komen, maar de waarheid van het leven zochten ze niet. En dus wachten ze zelfs in de huidige tijd nog op de Messias, want ze kennen de weg van leven niet, en ze weten niet wat de weg van de waarheid is. Hoe, zeggen jullie, kunnen zulke dwaze, eigenwijze en onwetende mensen de zegen van God ontvangen? Hoe kunnen ze de Messias zien? Ze stonden tegen Jezus op omdat ze niet wisten waar het werk van de Heilige Geest heen leidde, omdat ze de weg van de waarheid die door Jezus onder woorden was gebracht niet kenden en bovendien de Messias niet begrepen. En omdat ze de Messias nog nooit hadden gezien, en nog nooit in het gezelschap van de Messias hadden verkeerd, maakten ze de fout betekenisloze eer te bewijzen aan de naam van de Messias en ondertussen op alle mogelijke manieren op te staan tegen het wezen van de Messias. In essentie waren deze farizeeërs koppig, arrogant en gehoorzaamden ze de waarheid niet. Het principe van hun geloof in God is als volgt: Hoe wijs je preken ook zijn, hoe hoog je gezag, jij bent Christus niet tenzij je Messias wordt genoemd. Zijn dit geen ongerijmde en belachelijk ideeën?

uit ‘Als je het spirituele lichaam van Jezus ziet, heeft God de hemel en de aarde opnieuw gemaakt’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

De goddelijkheid van Christus staat boven alle mensen, daarom is Hij het hoogste gezag over alle schepselen. Dit gezag is Zijn goddelijkheid, dat is, de gezindheid en het wezen van God Zelf, hetgeen Zijn identiteit bepaalt. Hoe normaal Zijn menselijkheid dus ook is, Hij heeft ontegenzeggelijk de identiteit van God Zelf; vanuit welk standpunt Hij ook spreekt en hoe Hij ook de wil van God gehoorzaamt, er kan niet gezegd worden dat Hij God Zelf niet is Dwaze en onwetende mensen zien de normale menselijkheid van Christus vaak als een gebrek. Hoe Hij het wezen van Zijn goddelijkheid ook kenbaar maakt en openbaart, de mens kan niet accepteren dat Hij Christus is. En hoe meer Christus Zijn gehoorzaamheid en nederigheid laat zien, hoe lichter dwaze mensen over Christus denken. Er zijn er zelfs die een verwerpende en minachtende houding tegenover Hem aannemen, maar wel die ‘grote mannen’ van de verheven plaatjes ter aanbidding op hun tafel zetten. De weerstand tegen en de ongehoorzaamheid aan God van de mensen komt voort uit het feit dat het wezen van de vleesgeworden God zich aan de wil van God onderwerpt en uit de normale menselijkheid van Christus; dit is de bron van de weerstand tegen en de ongehoorzaamheid aan God van de mensen. Als Christus niet de gedaante van Zijn menselijkheid had noch vanuit het perspectief van een schepsel de wil van God de Vader zocht, maar in plaats daarvan een supermenselijkheid bezat, dan zou er waarschijnlijk geen ongehoorzaamheid in de mens bestaan. De reden dat de mens altijd bereid is in een onzichtbare God in de hemel te geloven, is omdat God in de hemel geen menselijkheid heeft en Hij geen enkele eigenschap van een schepsel bezit. De mens heeft daarom altijd de hoogste achting voor Hem, maar stelt zich jegens Christus minachtend op.

uit ‘Het wezen van Christus is gehoorzaamheid aan de wil van de hemelse Vader’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Een onzichtbare en ontastbare God wordt door iedereen liefgehad en verwelkomd. Als God slechts een voor de mens onzichtbare geest is, is het heel gemakkelijk voor de mens om in God te geloven. De mens kan op deze manier alles doen wat zijn eigen God het meest bevalt en waarvan deze god wenst dat hij dat doet, zonder enige scrupules. Zo kan de mens zonder scrupules doen wat zijn eigen God het best bevalt en wat deze God het liefste doet. Sterker nog, de mens gelooft dat er niemand zo godvruchtig en loyaal aan God is als hij, en dat alle anderen heidense honden zijn en ontrouw aan God. Je kan zeggen dat dit is wat de mensen die een vaag, op een doctrine gebaseerd geloof hebben in God, zoeken. Wat zij zoeken is veelal hetzelfde, er is weinig variatie. Alleen hun fantasiebeeld van God is anders, maar hun wezen is hetzelfde.

De mens is kalm onder zijn onbekommerd geloof in God, en gelooft in God op een manier die hemzelf bevalt. Dit is een van de ‘rechten en vrijheden van de mens’ die niemand aan kan tasten, want de mens gelooft in zijn eigen God, niet in de God van iemand anders. Het is zijn privé-eigendom, en bijna iedereen heeft een dergelijk privé-eigendom. De mens beschouwt dit eigendom als een kostbare schat, maar voor God is er niets lager en waardelozer, want er is geen duidelijkere aanwijzing voor verzet tegen God dan dit privé-eigendom van de mens. Vanwege het werk van de geïncarneerde God wordt God vlees met een tastbare vorm, die gezien en aangeraakt kan worden door de mens. Hij is geen vormeloze Geest, maar vlees dat door de mens aangeraakt en gezien kan worden. De meeste Goden waar de mensen in geloven zijn echter godheden zonder vlees en zonder vorm, en hebben ook een vrije vorm. Zo is de geïncarneerde God de vijand geworden van de mensen die in God geloven, en zo zijn zij die het feit dat God geïncarneerd is niet kunnen aanvaarden Gods tegenstanders geworden. Het is niet zo dat de mens opvattingen heeft door zijn manier van denken, of door zijn opstandigheid, maar door dit privé-eigendom van de mens. Door dit eigendom gaan de meeste mensen dood, en het is deze vage God, die niet aangeraakt of gezien kan worden en in feite niet bestaat, dat het leven van de mens geruïneerd wordt. Het leven van de mens is verbeurd, niet door de vleesgeworden God, laat staan door de God in de hemel, maar door de God van zijn eigen fantasie.

uit ‘De verdorven mensheid heeft de redding van de vleesgeworden God harder nodig’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Alle mensen willen graag het werkelijke gelaat van Jezus zien en allen verlangen bij Hem te zijn. Ik geloof dat geen enkele broeder of zuster zou zeggen dat hij of zij Jezus niet wil zien of niet bij Hem wil zijn. Voordat jullie Jezus gezien hebben, dat wil zeggen, voordat jullie de geïncarneerde God gezien hebben, koesteren jullie waarschijnlijk allerlei ideeën, bijvoorbeeld over Jezus’ verschijning, Zijn manier van spreken, Zijn manier van leven, enzovoort. Echter, als jullie Hem werkelijk gezien hebben, zullen jullie ideeën snel veranderen. Waarom gebeurt dat? Willen jullie dat weten? Terwijl het waar is dat het denken van de mens niet over het hoofd kan worden gezien, is het zelfs nog ontoelaatbaarder voor de mens om het wezen van Christus te veranderen. Jullie beschouwen Christus als een onsterfelijke of een wijsgeer, maar niemand beschouwt Christus als een normaal mens in bezit van een goddelijke essentie. Daarom zijn velen die er dag en nacht naar verlangen om God te zien in werkelijkheid vijanden van God en onverenigbaar met Hem. Is dit niet een fout van de kant van de mens? Zelfs nu denken jullie nog steeds dat jullie geloof en loyaliteit voldoende zijn om jullie waardig te maken om het gelaat van Christus te zien, maar ik spoor jullie aan je toe te rusten met dingen die meer praktisch zijn! Dit doe ik omdat in het verleden, het heden en de toekomst velen van degenen die in contact komen met Christus hebben gefaald of zullen falen; zij spelen allemaal de rol van de farizeeën. Wat is de reden voor jullie falen? Dat komt nu juist omdat er in jullie opvattingen een God bestaat die verheven is en bewondering verdient. Maar de waarheid is niet zoals de mens zou willen. Niet alleen is Christus niet verheven, maar Hij is bijzonder klein; niet alleen is Hij een mens, maar Hij is een gewoon mens; niet alleen kan Hij niet opstijgen naar de hemel, maar Hij kan zich zelfs niet vrij over de aarde bewegen. En omdat dit het geval is, behandelen mensen Hem zoals ze een gewoon mens zouden behandelen; ze behandelen Hem nonchalant wanneer ze met Hem zijn, en ze spreken achteloos tegen Hem, terwijl ze nog steeds wachten op de komst van de ‘werkelijke Christus’. Jullie beschouwen de Christus die al gekomen is als een gewoon mens, en Zijn woord als dat van een gewoon mens. Daarom hebben jullie niets ontvangen van Christus. In plaats daarvan hebben jullie je eigen slechtheid volledig en in het volle licht tentoongesteld.

uit ‘Degenen die onverenigbaar zijn met Christus zijn beslist tegenstanders van God’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

De mens is door Satan verdorven, dat is de bron van zijn tegenstand en rebellie jegens God. Doordat de mens dus door Satan is verdorven, is zijn geweten gevoelloos geworden, is hij immoreel, zijn zijn gedachten ontaard en heeft hij een achterlijke mentale kijk. Voordat de mens door Satan was verdorven, volgde hij God van nature en gehoorzaamde hij Zijn woorden na ze gehoord te hebben. Hij had van nature een gezond verstand en geweten, en had een normale menselijkheid. Nadat hij door Satan werd verdorven, raakten zijn oorspronkelijke verstand, geweten en menselijkheid afgestompt en door Satan aangetast. Zo is hij zijn gehoorzaamheid en liefde jegens God kwijtgeraakt. Het verstand van de mens is abnormaal geworden en zijn gezindheid gelijk aan dat van een dier, en zijn rebellie jegens God wordt steeds frequenter en intenser. Toch weet of herkent de mens dit nog steeds niet, en blijft hij zich blind verzetten en rebels opstellen. De openbaring van de gezindheid van de mens is de uiting van zijn verstand, inzicht en geweten en aangezien zijn verstand en inzicht ondeugdelijk zijn en zijn geweten uitermate is afgestompt, is zijn gezindheid opstandig jegens God. …

De bron van de openbaring van de verdorven gezindheid van de mens is niets meer dan zijn afgestompte geweten, zijn kwaadaardige natuur en zijn ondeugdelijke verstand. Als het geweten en het verstand van de mens weer normaal kunnen worden, zal hij geschikt worden om voor Gods aangezicht te worden gebruikt. Het komt simpelweg omdat het geweten van de mens altijd gevoelloos is geweest, het verstand van de mens nooit gezond is geweest en steeds afgestompter raakt, dat de mens steeds opstandiger wordt jegens God. Hij heeft Jezus zelfs aan het kruis genageld en heeft de vleesgeworden God van de laatste dagen toegang tot zijn huis geweigerd. Hij veroordeelt Gods vlees en ziet Gods vlees als oneervol en onwaardig. Als de mens ook maar een beetje menselijkheid had, zou hij niet zo wreed zijn in zijn behandeling van Gods vleesgeworden vlees. Als hij ook maar een beetje verstand had, zou hij niet zo kwaadaardig zijn in zijn behandeling van het vlees van de vleesgeworden God. Als hij ook maar een beetje geweten had, zou hij de vleesgeworden God niet zo ‘dankbaar’ zijn op deze manier. De mens leeft in het tijdperk dat God vlees is geworden, toch is hij niet in staat om God te danken voor deze geweldige gelegenheid. In plaats daarvan vervloekt hij de komst van God of negeert hij het feit van Gods vleeswording volkomen, en is hij er schijnbaar op tegen en moe van. Hoe de mens ook tegen de komst van God aankijkt, God heeft kort gezegd Zijn werk toch altijd voortgezet – ook al heeft de mens Hem geenszins verwelkomd en stelt hij wel blindelings eisen aan Hem. De gezindheid van de mens is uitermate kwaadaardig geworden, zijn verstand is uitermate afgestompt en zijn geweten is volkomen vertrapt door de boze en is al heel lang niet meer als het oorspronkelijke geweten van de mens.

uit ‘Een onveranderde gezindheid betekent vijandschap jegens God’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Sommige bijbelteksten zijn ontleend aan de Nieuwe Bijbelvertaling © 2004/2007 Nederlands Bijbelgenootschap.

Gerelateerde media

  • Heersen in de religieuze wereld de waarheid en God of heersen de antichristen en Satan?

    Degenen die de Bijbel lezen in majestueuze kerken reciteren de Bijbel elke dag, maar toch begrijpt geen van hen het doel van Gods werk. Niemand van hen kent God en niemand leeft in overeenstemming met Gods hart. Ze zijn allemaal waardeloze, verachtelijke mensen, die alle vanuit de hoogte God onderwijzen. Hoewel ze met de naam van God schermen, verzetten ze zich moedwillig tegen Hem. Hoewel ze zichzelf gelovigen van God noemen, zijn ze degene die het vlees van de mens eten en zijn bloed drinken.

  • Wat zijn de gevolgen als iemand in religie gelooft in God en blootstaat aan de misleiding en macht van de farizeeën en antichristen? Kan men door God worden gered als men op deze manier in God gelooft?

    Pastors en leiders in de religieuze wereld, bijvoorbeeld, vertrouwen op hun gaven en posities om hun werk te doen. Mensen die hen een lange tijd volgen, zullen worden geïnfecteerd door hun gaven en zullen worden beïnvloed door delen van wat zij zijn. Zij richten zich op de gaven, vaardigheden en kennis van mensen en ze geven aandacht aan sommige bovennatuurlijke dingen en vele diepgaande onrealistische doctrines (deze diepgaande doctrines zijn natuurlijk onbereikbaar). Ze richten zich niet op veranderingen aan de gezindheid van de mens, maar richten zich liever op het trainen van het preken, de werkvaardigheden en de kennis van de mens en rijke religieuze doctrines. Zij richten zich niet op hoezeer de gezindheid van mensen wordt veranderd, of hoezeer mensen de waarheid begrijpen. Ze geven geen aandacht aan de substantie van mensen, en proberen nog minder de normale en abnormale toestanden van de mens te kennen.

  • Waarom vervloekte de Heer Jezus de farizeeën? Wat was het wezen van de farizeeën?

    Ze lasterden Gods Geest niet alleen als Beëlzebul en de vorst der demonen, maar veroordeelden ook Gods werk. Ze veroordeelden en lasterden de Heer Jezus Christus. De essentie van hun verzet en lastering van God was geheel en al dezelfde als de essentie van Satan en het verzet tegen en lastering van God door de duivel. Ze representeerden niet alleen verdorven mensen, maar waren zelfs de belichaming van Satan. Ze waren een kanaal voor Satan onder de mensheid, ze waren de handlangers en boodschappers van Satan. De essentie van hun lastering en vernedering van de Heer Jezus Christus was hun strijd met God om status, hun competitie met God, hun oneindige beproeven van God.

  • Waarom zegt men dat religieuze dominees en ouderlingen allemaal het pad van de farizeeën bewandelen? Wat is hun wezen?

    Kijk maar naar de leiders van elke denominatie. Allemaal zijn ze arrogant en zelfgenoegzaam. Ze interpreteren de Bijbel buiten de context en volgens hun eigen verbeelding. Ze rekenen allemaal op gaven en belezenheid om hun werk te doen. Als zij niet in staat waren om over iets te preken, zouden die mensen hen dan volgen? Want het is waar dat ze wat kennis hebben, dat ze over sommige doctrines kunnen spreken, of dat ze weten hoe ze anderen voor zich kunnen winnen en gebruik kunnen maken van kunstgrepen. Ze gebruiken deze om mensen naar zich toe te trekken en te misleiden. Deze mensen geloven symbolisch in God, maar in werkelijkheid volgen ze hun leiders.