549 Je moet je aan je plicht houden

549 Je moet je aan je plicht houden

1 Als mensen geen enkel vertrouwen hebben, is het niet gemakkelijk om dit pad te volgen. Iedereen kan nu zien dat Gods werk helemaal niet strookt met de ideeën van mensen – ongeacht hoeveel werk Hij doet of hoeveel Hij spreekt, het strookt totaal niet met menselijke ideeën. Dit vereist dat mensen vertrouwen hebben en vastberaden zijn om te kunnen blijven bij wat ze al hebben gezien en wat ze uit ervaring hebben opgedaan. Ongeacht wat God doet in mensen, moeten ze hooghouden wat zij zelf bezitten, oprecht zijn tegenover God en aan Hem toegewijd zijn tot het einde toe. Dit is de plicht van de mensheid. Dit is wat mensen zouden moeten doen – ze moeten dit hooghouden.

2 Geloof in God vereist gehoorzaamheid aan Hem en ervaring met Zijn werk. God heeft zoveel werk gedaan – het zou gezegd kunnen worden dat het voor mensen allemaal vervolmaking is, dat het allemaal loutering is, en bovendien, allemaal tuchtiging is. Er is geen enkele stap in Gods werk geweest die strookte met menselijke ideeën; wat mensen hebben genoten zijn Gods harde woorden. Wanneer God komt, zouden mensen moeten genieten van Zijn majesteitelijkheid en Zijn toorn, maar hoe hard Zijn woorden ook zijn, Hij komt om de mensheid te redden en te vervolmaken. Als schepselen zouden mensen de plichten moeten vervullen zoals zij behoren te doen, en als getuige moeten staan van God te midden van loutering. Bij elke beproeving moeten ze de getuigenis hooghouden die ze moeten meedragen en een klinkende getuigenis van God geven. Dat is een overwinnaar.

Naar ‘Je moet je toewijding aan God in stand houden’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

549 Je moet je aan je plicht houden