816 Alleen zij die Satan verslaan worden gered

816 Alleen zij die Satan verslaan worden gered

1 Als mensen nog gered moeten worden, worden hun levens vaak nog verstoord en zelfs gestuurd door Satan. Met andere woorden, mensen die nog niet gered zijn, zijn gevangenen van Satan, ze hebben geen vrijheid, zijn nog niet losgelaten door Satan, zijn niet gekwalificeerd of kunnen geen aanspraak maken op het aanbidden van God en ze worden op de hielen gezeten en venijnig aangevallen door Satan. Zulke mensen kennen geen noemenswaardig geluk, hebben geen recht op een noemenswaardig bestaan en hebben bovendien geen noemenswaardige waardigheid.

2 Alleen als je opstaat en strijd levert met Satan, gebruik makend van geloof, gehoorzaamheid en Godvrezendheid als wapens waarmee je op leven en dood strijd levert met Satan, op zo’n manier dat je Satan volledig verslaat, hem met de staart tussen de benen tot een lafaard maakt als hij je ziet, op zo’n manier dat Satan zijn aanvallen en beschuldigingen tegen je volledig achterwege laat − alleen dan word je gered en word je vrij. Als je vastberaden bent om volledig te breken met Satan, maar niet toegerust bent met de wapens die je daarbij zullen helpen, dan zul je nog steeds in gevaar zijn.

3 Wanneer je, met het verstrijken van de tijd, zo gemarteld bent door Satan dat er geen greintje kracht in je meer over is, en je nog geen getuigenis af hebt kunnen leggen, jezelf nog steeds niet geheel hebt bevrijd van Satans beschuldigingen en aanvallen tegen je, dan heb je weinig kans op verlossing. Wanneer uiteindelijk de voltooiing van Gods werk wordt verkondigd, zul je nog steeds in de klauwen van Satan zijn, niet in staat jezelf te bevrijden en zul je zo nooit een kans of hoop hebben. Dit impliceert dan ook dat zulk soort mensen geheel in Satans gevangenschap zullen zijn.

Naar ‘Gods werk, Gods gezindheid en God Zelf II’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

816 Alleen zij die Satan verslaan worden gered